Zwerven door het ziekenhuis

Selma Noort: Geen gewone ketting. Met tekeningen van Annemie Heymans. Uitg. Leopold, 40 blz. ƒ 22,50

“Mama vindt dat kinderen moeten spelen in de zon. Papa vindt dat kinderen de waarheid moeten weten.” Deze twee zinnen staan in het begin van Geen gewone ketting van Selma Noort en het zijn twee goede, want veelzeggende zinnen. Ze laten, zo achter elkaar gezet, twee werelden zien: die waarin kinderen beschermd moeten worden tegen narigheid, waarin ze zorgeloos moeten zijn omdat er nog zorgen genoeg komen, en die waarin onzekerheid en onwetendheid als de ergste vijanden van geluk beschouwd worden, ook voor een kind. Zowel papa als mama houden veel van hun dochter Janna, dat blijkt al snel. Papa is geen sadist die onder het mom van de waarheid de vreselijkste dingen vertelt, en mama is geen schijheiligerd die de kinderen naar buiten stuurt omdat ze niets mogen weten.

Er gebeurt niet zo veel in Geen gewone ketting, maar er is wel veel in aan de hand. Dat komt doordat Selma Noort met weinig veel kan, omdat ze haar onderwerp klein durft te houden en het daardoor juist over grote, belangrijke dingen heeft.

De moeder van Janna is ziek, erg ziek, en ze wil, omdat ze zo ziek en zo verdrietig en ellendig is, niet dat haar dochter haar komt opzoeken in het ziekenhuis. De vader van Janna is het daar niet echt mee eens, maar hij houdt zich aan de wens van zijn vrouw. En Janna is het er al helemaal niet mee eens, want zij wil haar moeder zien. Ze besluit iets voor haar moeder te maken 'waar ze blij mee is en waar ze mooi van wordt'. Een ketting. Een keer als papa naar het ziekenhuis is en Janna zit te wachten tot de buurvrouw die altijd op haar past thuiskomt, besluit ze zomaar om nu zelf naar het ziekenhuis te gaan en de ketting te gaan brengen. “Wachten duurt lang. Nadenken niet.”

Het boek bestaat voornamelijk uit de één uur durende omzwerving van Janna door het ziekenhuis, waarbij de ketting uit elkaar valt en weer opnieuw geregen wordt, met hulp van allerlei bijdragen van patiënten: drie peseta's met een gat erin, een heel klein poppeservieskopje, een gouden knoop, imitatieparels van een haarspeld, twee roosjes die een cadeautje versierd hebben - aan elk voorwerp zit een, klein, verhaal vast. Uiteindelijk komt Janna met de herstelde ketting haar moeders kamer binnenstuiven, net voor het bezoekuur is afgelopen. “Mama's armen gaan vanzelf wijd open.” En dan is alles, althans voor even, goed.

Het is wonderlijk ontroerend, dat slot met de moeder die haar dochtertje haar aanblik wilde besparen maar die nu zo blij is dat ze gekomen is, en Janna die haar moeder zo heeft gemist en een ketting heeft verzonnen om zich toch naar binnen te dringen, om haar moed te geven en een voorwendsel waarom het niet anders kon. “'Het is geen gewone ketting,' zegt Janna tegen mama. 'Dat zag ik meteen', zegt mama.”

Er is veel angst en drama in dit boekje verstopt. Want misschien gaat deze moeder wel dood (“'Nee, nee,' zegt papa. 'Dat denk ik niet. Ik wil dat mama beter wordt.' ”). En er is ook veel liefde in verstopt, die blijkt uit alles wat zowel het kind als de volwassenen zeggen en doen, zonder dat die laatsten daarmee van die rare model-ouders worden die in kinderboeken nogal eens optreden. Er zit kleine-meisjesverdriet in, van het soort dat zich zo moeilijk uit laat spreken maar dat zwaar van binnen voelt, en grote-mensenverdriet, dat zich al evenmin laat uitspreken. En ondanks al die zware dingen is Geen gewone ketting licht en aandachtig, zonder grote woorden. Dat is knap. De tekeningen van Annemie Heymans, die vertrouwenwekkend maar niet zoet zijn, passen daar mooi bij. Vooral die waarop ze de verhalen en de voorwerpen die aan de ketting terechtkomen met elkaar verbindt.

Dankzij de kettingverhalen dringen ook andere levens, alweer onnadrukkelijk, het boek in, andere lotgevallen, andere manieren om een lot te dragen, maar ook vrolijke of zorgeloze geschiedenisjes. De ketting is een ratjetoe, maar liefdevol bijeengebracht, en daarom toch een geheel geworden. Het boek erover is geen ratjetoe, het zit heel goed en precies in elkaar. Liefdevol is het wel.