Rente op geldmarkt beweegt nauwelijks

AMSTERDAM, 20 MAART.De afgelopen week zijn de geldmarkttarieven over de gehele linie nauwelijks van hun plaats gekomen.

De 3-maands interbancaire rente, de 'benchmark' (het toonaangevende tarief) van de geldmarkt, bedroeg onveranderd 3,18 procent. De 12-maands rente steeg fractioneel met 1 basispunt (0,1 procent) tot 3,36 procent. De rust op de geldmarkt - en dan vooral die in het langere segment - hangt deels samen met de geringe mutaties van de kapitaalmarktrente. Het rendement op 10-jaars staatsobligaties bleef de afgelopen week stabiel liggen rond de 6,55 procent. Voor de kortere geldmarkttarieven is vooral het rentebeleid van DNB van belang.

Sinds 2 februari bedraagt het tarief op speciale beleningen ongewijzigd 3,0 procent. Terwijl de 10-jaars rente sindsdien met 65 basispunten (0,65 procent) is gestegen, is de 1-maands rente slechts met 12 basispunten (0,12 procent) opgelopen. De stijging van de 1-maands rente moet vooral worden gezien als een correctie. Op de geldmarkt was kennelijk te ver vooruitgelopen op renteverlagingen door DNB .

De daggeldrente, die de afgelopen week per saldo stabiel bleef op 3,09 procent, wordt deels bepaald door het beleningstarief en deels door de ruimte op de geldmarkt. De afgelopen week vonden er wat dit laatste betreft, getuige de weekstaat van DNB, geen schokkende gebeurtenissen plaats. De geldmarkt werd verruimd door een afname van de post bankbiljetten in omloop met 107 miljoen gulden en door een afname van de post 's rijks schatkist met 1,9 miljard gulden. Deze laatste mutatie was het saldo van betalingen door het rijk, waaronder 3,5 miljard gulden aan uitkeringen en rente en aflossing en 1 tot 1,5 miljard aan teruggekochte DTC 's (Dutch Treasury Certificates), en diverse ontvangsten, waaronder de storting van ongeveer 1 miljard gulden op DSM -tranches. De geldmarkt werd verkrapt doordat DNB een 1,5 miljard gulden lagere speciale belening vaststelde.

Te zamen met enkele geringe mutaties in de overige posten resulteerde dit in een afname van de voorschotten in rekening courant met 433 miljoen gulden. Omdat het beroep op de voorschotfaciliteit gedurende het grootste deel van de week achterbleef bij het gemiddelde toelaatbare beroep, kon de besparing op het contingent oplopen van 2,3 procent vorige week tot 2,9 procent afgelopen maandag. Nadat 65,9 procent van de contingentsperiode is verstreken, is 63 procent van het toelaatbare beroep verbruikt.

Morgen stroomt ongeveer 600 miljoen gulden de schatkist in uit hoofde van stortingen op de laatste DSM -tranche. Daarnaast wordt er gestort op in het verleden gecontracteerde DTC 's. Het rijk verricht deze week echter ook diverse betalingen, waaronder ongeveer 3,5 miljard gulden aan uitkeringen, die de ontvangsten waarschijnlijk zullen overtreffen.

In verband hiermee heeft DNB de kasreserve, met een looptijd van 10 dagen, gisteren verhoogd van nihil tot 3,3 miljard gulden.

Bron: Economisch Bureau ING Groep