Crisis rond Taiwan lijkt over haar hoogtepunt heen

TAIPEI, 20 MAART. China is een reeks nieuwe militaire manoeuvres begonnen, temidden van toenemende aanwijzingen dat de deëscalatie van de crisis in gang is gezet. De nieuwste oefening bestaat uit artilleriebeschietingen en een gesimuleerde amfibische landing op een klein eilandje in de buurt van het relatief grote kusteiland Pingtan, 75 km ten zuidoosten van Fuzhou, de hoofdstad van de kustprovincie Fujian tegenover Taiwan. Vanmorgen liet het persbureau Nieuw China overigens weten dat de militaire oefeningen met echte munitie in het zuidelijke gedeelte van de Straat van Taiwan inmiddels volgens plan zijn afgerond.

Vijftig kilometer ten zuiden van Pingtan ligt een minuscuul eilandje, Wuchiu, dat door Taiwanese mariniers bezet wordt en waarvan de burgerbevolking van slechts 16 zielen de afgelopen dagen naar Taiwan is overgebracht. De oefening zal een week duren, dus tot enige dagen na de presidententsverkiezing van zaterdag, en het doel is om Taiwan duidelijk te maken dat het Chinese Volksbevrijdingsleger wel degelijk tot amfibische invasies in staat is.

De pro-communistische krant Wen Wei Po in Hongkong citeerde vandaag Chinese generaals die beweren dat China veel meer troepen aan de Zuidoostchinese kust geconcentreerd heeft dan buitenlandse inlichtendiensten dachten en dat het Volksbevrijdingsleger, in tegenstelling tot de Amerikaanse inschatting, zeer goed in staat is om de 200 kilometer brede Straat van Taiwan over te steken en een invasie uit te voeren. De Chinese militaire uitspraken kwamen enkele uren nadat de Amerikaanse minister van defensie, William Perry, China had gewezen op Amerika's militaire oppermacht in de regio. Of hier sprake is van Chinese blufpoker is moeilijk te zeggen. Chinese generaals hebben in een eerdere fase van de crisis roekeloze uitspraken gedaan, toen zij Amerikaanse gesprekspartners eind vorig jaar vertelden dat het atoombommen op Los Angeles zou regenen als Amerika militair zou interveniëren in een Chinese aanval op Taiwan.

Ondanks deze 'armageddon-scenario's' zijn er verscheidene indicaties dat de crisis over zijn climax is en dat de krachtmeting met andere, onder andere diplomatieke middelen, zal worden voortgezet. Het belangrijkst is de aankondiging dat de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Warren Christopher, op 21 april een afspraak in Den Haag heeft voor overleg met zijn Chinese ambtgenoot, Qian Qichen, die premier Li Peng vergezelt op een officieel bezoek aan Nederland.

Maar ook op 'intra-Chinees' niveau is er een aantal ontwikkelingen die geruststellend zijn. Drie van de vier presidentskandidaten in Taiwan bepleiten een spoedige hervatting van de dialoog met Peking op basis van de 'een-China formule', waarbij dat ene China niet de Volksrepubliek is maar China als historisch en cultureel begrip moet worden opgevat. Taiwans minister van Buitenlandse Zaken, Frederick Chien, heeft verder gezegd dat Taiwan zijn campagne voor internationale erkenning zal afremmen en president Lee Teng-hui geen bezoeken aan derde landen zal initiëren maar slechts tegenbezoeken zal brengen. Dat komt er op neer dat Lee alleen nog landen waarmee Taiwan diplomatieke betrekkingen heeft, gaat bezoeken. De publiciteit en sympathie uit de hele wereld die Taiwan gedurende de afgelopen weken heeft gekregen, is voor velen de beste vorm van erkenning.

Ook op lager niveau hebben enige ontwikkelingen plaatsgehad die zeker een ontspannend effect hebben. De Taiwanese marine heeft gisteren op tien zeemijl afstand van het militaire oefengebied een aantal leden van de bemanning van een zinkend Chinees koopvaardijschip gered. Daarbij werd het mechanisme van de twee 'privé-stichtingen' die namens de twee regeringen vóór de crisis contact met elkaar onderhielden, ingeschakeld. Verder is een delegatie van het grootste kusteiland, Quemoy, op 'vredesbezoek' in Xiamen. Quemoy ligt acht kilometer van Xiamen voor de kust, maar de delegatie heeft er een vliegreis van 1.800 kilometer via Taipei en Hongkong voor moeten maken. “Wij willen een vredesboodschap aanbieden en de opening van directe verbindingen tussen Quemoy (Jinmen) en Xiamen openen om de weg te banen naar hereniging”, zei raadsvoorzitter Chen voor zijn vertrek.

Het feit dat de burgerluchtvaart tussen Taipei en Quemoy en Matsu in oostelijke en noordelijke richting dwars over de Straat van Taiwan niet is onderbroken (behalve wegens het slechte weer), doet de vraag rijzen of al die militaire oefeningen geen 'Chinese pantomime' (schaduwboksen) zijn. Tot 1992, toen alles rustig was, kon je alleen met een militair vliegtuig naar Quemoy dat laag over het water vloog om niet door de Chinese radar ontdekt te worden. Je landde op Quemoy op een beschutte militaire landingsstrip. In 1993 is er een burgervliegveldje opengegaan en nu vliegen er minstens vier Boeing 727's per dag hoog over de Straat heen, ondanks de militaire manoeuvres. Op Quemoy zelf zijn geen zichtbare tekenen van verhoogde militaire activiteit, ondanks geruchten dat het Chinese leger een aanval op het eiland overwoog.

Niemand weet wat de specifieke Chinese militaire doelen waren, zijn of zullen zijn. Iedereen praat erover in termen van multiple-choice vragen: welk antwoord van de drie is correct? Het electoraat intimideren ? De verkiezingen verhinderen of in de war sturen? De overwinningsmarge van president Lee verminderen ? Dat is alle drie mislukt.

Wat wel gelukt is, is om schade aan de economie toe te brengen. Wang You-hua, een zakenman van 42, heeft een importfirma. Hij zegt dat er een kapitaalvlucht van tientallen miljarden dollar heeft plaatsgehad. De meeste welgestelde mensen hebben een groot deel van hun tegoeden in Taiwan in dollars omgewisseld en deze geexporteerd. Daardoor is de vraag naar importen drastisch geslonken. De onroerend-goedmarkt is met 40 procent gekelderd en dat heeft grote invloed op de kredietverlening. Bankleningen waarvoor huizen als onderpand worden gebruikt, zijn met 40 procent verminderd. Wang zegt dat waarschijnlijk enige honderdduizenden mensen het eiland verlaten hebben. “Als de Amerikaanse Zevende Vloot niet gekomen was zouden het er aanzienlijk veel meer zijn geweest, inclusief mijzelf en mijn gezin”, zegt Wang. Hij is geen aanhanger van Lee Teng-hui maar schuift de schuld voor de huidige crisis niet op Lee maar geheel op de Chinese communisten. “Zij zijn door en door slecht, die mensen. Ze praten nog steeds over vreedzame hereniging na alles wat ze ons aangedaan hebben”, zegt hij met afschuw.