Conflicten

Belastingrechters zouden zich meer moeten richten op het soepel oplossen van een problemen tussen belastingbetalers en fiscus en minder op het eenzijdig juridisch beslechten van het geschil. Deze kritiek uit de Groningse belastinginspecteur dr. A. Smit deze week in het fiscale vakblad FED. Daarin signaleert hij ook cultuurverschillen tussen de vijf gerechtshoven waar de belastingrechtspraak plaatsvindt. De uitkomsten van fiscale procedures over belastingaanslagen vertonen daardoor soms grote verschillen al naar gelang het deel van het land waar men procedeert.

Een belastingprocedure is niet iets waar je voor je plezier aan begint. Het bij de rechter aanvechten van een belastingaanslag is kostbaar, enerverend, onzeker en tijdrovend. De kosten bestaan niet alleen uit honderden guldens aan griffierecht. Men is daarnaast vaak duidenden guldens kwijt aan een belastingadviseur. Bij een gewonnen procedure draait de fiscus voor een deel van die kosten op. Deze wettelijke kostenvergoeding is evenwel uiterst karig. Bovendien glipt zij menigeen door de vingers omdat veel belastingrechters zo'n vergoeding alleen toekennen aan degenen die er uitdrukkelijk om vragen. De Hoge Raad heeft overigens vorige week bepaald dat die praktijk onjuist is. De rechter moet de Belastingdienst steeds tot een kostenvergoeding veroordelen als die een procedure heeft verloren. Dat is pas anders als de belastingbetaler uitdrukkelijk laat weten dat hij zo'n kostenvergoeding niet wil hebben. Met deze uitspraak introduceert de Raad een landelijk uniform beleid.

Het ontbreken van eenheid in rechtspraak werd onlangs op een ander terrein pijnlijk duidelijk uit een uitspraak van de Arnhemse belastingrechter mr. D. Smit, over het toekennen van een verhuiskostenaftrek. Een voorwaarde daarbij is dat iemand dichter dan 10 kilometer bij zijn werk gaat wonen. Hoe meet men die afstand? Volgens het Haagse gerechtshof gaat het om een hemelsbrede meting. De belastingdienst heeft zich vorig jaar bij die opvatting neergelegd. Mr. D. Smit introduceerde onlangs niettemin de meting over de weg als de enig juiste. De belastingbetaler liep daardoor zijn aftrek mis. De onduidelijkheid werkt door in de belastinggidsen. De meeste, waaronder Elseviers almanak omzeilen het probleem. Kluwers belastinggids kiest voor de Haagse oplossing; de belastingtelefoon voor de Arnhemse; beide zonder aan te geven dat er verschillend over gedacht kan worden.

De belastingrechtspraak werkt soms - zoals de Leeuwarder rechter prof. Aardema het eens uitdrukte - als een fiscale fruitautomaat. Hoe ernstig regionale verschillen in rechterlijke opvattingen uitpakken, is nooit onderzocht. Dat gaat overigens ook moeilijk want de belastingrechtspraak vindt achter gesloten deuren plaats. Alleen de fiscus kent alle zaken; ieder ander is afhankelijk van de selectie die de rechters openbaar maken. Volgens dr. A. Smit zijn er zonder meer duidelijke verschillen in aanpak. Die kunnen zelfs leiden 'tot een (groot) verschil in de uitkomst van de rechtsstrijd, om nog maar te zwijgen over het verschil in kosten en psychische ellende'. Zo meldt deze belastingdeskundige dat de magistraten in Den Bosch als het even kan de partijen ter zitting tot een compromis bewegen; in andere steden zijn de rechters evenwel wars van zo'n benadering. Zij beslechten het geschil liever met een rechtsoordeel. Dat is jammer, want een compromis ter zitting heeft grote voordelen. Wie zelf met de inspecteur overeenstemming bereikt, aanvaardt die uitkomst gemakkelijker dan een oordeel van bovenaf. Bovendien is het resultaat doorgaans bevredigender. De wet biedt de rechter bovendien lang niet altijd de mogelijkheid een redelijke tussenweg te bewandelen die de burger en de inspecteur samen wel in kunnen slaan. Een compromis werkt een conflict bovendien snel en definitief de wereld uit. De onzekerheid van een slepende rechtszaak is slopend voor een particulier en vormt een commerciële hindernis voor een bedrijf.

Het optreden van de onafhankelijke rechter valt niet te sturen. Maar het kan helpen als de rechter zou weten of de inspecteur nog ruimte ziet voor een minnelijke oplossing van het probleem. Wat belastinginspecteur Smit betreft zou staatssecretaris Vermeend (Financiën) zijn ambtenaren moeten verplichten bij elke rechtszaak de mogelijkheden voor een compromis te vermelden.

Naast de rechter speelt de nationale ombudsman een belangrijke rol bij het wegnemen van wrijvingen tussen de belastingdienst en zijn 'klanten'. Uit het vandaag gepresenteerde jaarverslag blijkt dat de ombudsman op fiscaal terrein inmiddels meer problemen oplost met een informele interventie dan met een formeel onderzoek. De procedure via de ombudsman is snel en kosteloos maar ongeschikt voor het beslechten van juridische meningsverschillen. Dat kan men ook niet bereiken met een verzoekschrift bij de Tweede of Eerste Kamer, al worden ook op die manier veel andere fiscale problemen informeel, snel en goedkoop uit de wereld geholpen.