MeesPierson is na drie jaar een fusie zonder glorie

Het is een fusie zonder glorie. Drie jaar geleden gingen de enige twee klassieke Nederlandse zakenbanken, Bank Mees & Hope en Pierson, Heldring & Pierson, samen. De kosten van de fusie zijn duidelijk: 124 miljoen gulden. Wat het heeft opgeleverd is de vraag.

Drie jaar na haar creatie heeft de fusiebank MeesPierson, een volledige dochter van ABN Amro, de verwachtingen niet waar gemaakt. Moeder ABN Amro rept in alle openheid van teleurstelling. Ondanks reorganisaties laat de winstgevendheid te wensen over. En (ex)werknemers klagen over richtingloosheid in het bestuur, waar buitenstaander drs J. Kuiper, voormalig directeur van buurman Optiebeurs, per 1 maart het roer heeft overgenomen.

“Bij Mees & Hope waren zij gewend de besluiten buiten de vergadering te nemen, bij Pierson deden zij dat juist in de vergaderingen, maar het afgelopen jaar lijkt het wel alsof er helemaal geen besluiten meer zijn genomen”, klaagt een voormalig werknemer.

Wat gaat er met Kuiper als eerste man veranderen? “Het komt voor u lullig uit dat ik hier zit, en voor mij misschien ook. Maar ik zit hier nog maar net”, zei Kuiper gisteren op een persconferentie. “Als ik aan de strategie nu concreet handen en voeten geef, zijn dat dezelfde waarmee sommige bedrijfsonderdelen opgetild worden en andere omlaag geduwd. Ik voer geen beleid via de media.” Kuiper is sinds 1 maart binnen, als opvolger van dr D. van Wensveen, die na 23 jaar directiefuncties bij Mees & Hope en MeesPierson met pensioen is gegaan.

Quo vadis MeesPierson, is de vraag die hardop wordt gesteld in de financiële wereld. Zakenbanken als MeesPierson zijn van oudsher omgeven met enige magie. Merchant banks, noemen de Britten deze specialisten, investment banks, zeggen de Amerikanen. Zij waren geen banken voor gewone stervelingen, en zijn dat nog steeds niet. In vredestijd financierden zij vroeger de handel, in oorlogstijd de legers.

Zij zijn de intermediairs tussen rijkelui en beleggers die hun kapitaal winstgevend moeten beheren en de bedrijven en de overheden die altijd geld nodig hebben. Zakenbanken werken nog steeds voor een aparte clientèle van grote beleggers, vermogende particulieren, bedrijven en overheden. Hun relatienetwerk is hun kracht. Zij malen niet om de particuliere massamarkt en het betalingsverkeer. Dat is het werkterrein van de algemene banken, zoals ABN Amro en Rabobank.

“Pierson heeft de brains, Amro heeft de power”, zei voormalig financieel directeur P. Alberda van Ekenstein van de KLM ooit om het verschil tussen zakenbank Pierson en algemene bank Amro duidelijk te maken. De zakenbank had de kennis en de expertise, de algemene bank bezat het omvangrijke eigen kapitaal dat onmisbaar is om grote transacties en de daarmee verbonden risico's uit te voeren.

Het verschil spreekt Kuiper aan. Hij vraagt zich hardop af of MeesPierson zich wel een bank moet noemen. Dat heeft toch de connotatie van geld bewaren en zorgen dat er niets mee gebeurd. Misschien kan MeesPierson zich beter een financiële onderneming noemen. “Maar niet alle collega's zijn het eens met dat woord.”

Zakenbanken zijn grillig. Zij missen de stabiliteit in hun inkomstenstroom die de algemene banken hebben dankzij hun woninghypotheken en dankzij hun kredietverlening aan het midden- en kleinbedrijf. Zakenbanken mikken op specialistische diensten, zoals effectenhandel, vermogensbeheer en financiële adviezen aan grote bedrijven en overheden, zoals privatisering. Hun resultaten gaan op en neer met de stemming op de financiële markten.

MeesPierson bleef vorig jaar achter bij haar concurrenten. De winst uit gewone bedrijfsuitoefenening ging met bijna 2 procent omhoog naar 182 miljoen gulden, maar de voor een zakenbank cruciale inkomstenbron van provisies uit effectenhandel en vermogensbeheer liet een teruggang zien. De schuld daarvan schuift de bank in de schoenen van de daling van het Britse pond en de Amerikaanse dollar en de sluiting van activiteiten in het Verre Oosten. En dat terwijl het voor bankiers van elk pluimage, zakenbank of algemene bank, vorig jaar een walhalla was. De groei van de personeelskosten, de belangrijkste uitgavenpost, was beperkt door zuinige cao-afspraken. De effectenmarkten waren booming. En er was een uiterst profijtelijk verschil tussen de rente die banken voor kredieten kunnen berekenen en de lagere rente die zij zelf op spaargeld en andere financieringen betalen. Voor zakenbanken was Nederland helemaal luilekkerland: grote beursintroducties als Vendex International en de tweede tranche van de verkoop van de overheidsaandelen in KPN, stijgende belangstelling voor beleggingen en vermogensbeheer en een bloeiend fusie- en overnameklimaat, waar banken als adviseur provisies verdienen.

Zakenbank Kempen & Co, die met ongeveer 80 werknemers maar een fractie is van MeesPierson (ruim 4.000 mensen) boekte vorig jaar een 18 procent hogere netto winst van bijna 16 miljoen gulden. ABN Amro bestuursvoorzitter mr J. Kalff had zelf goede resultaten te melden: ruim 16 procent meer winst (3,37 miljard gulden) voor de gewone aandeelhouders. Maar Kalff wilde niets kwijt over de deceptie die MeesPierson heet. Alleen dat het resultaat 'enigszins' teleurstellend was. Niet goed, maar gek genoeg wel een meevaller. In augustus sprak de ABN Amro nog ronduit van teleurstellende resultaten in de eerste zes maanden.

Op zijn beurt weigert Kuiper iets te zeggen over het commentaar van Kalff. “Ik heb er niet met hem over gesproken. Ik vind het ook helemaal niet belangrijk. Het gaat om het lange termijnbeleid dat tot een tevreden aandeelhouder leidt.”

ABN Amro is sinds haar eigen fusie in 1990 eigenaar van zowel Mees & Hope (via de ABN) als Pierson, Heldring & Pierson (via Amro). De twee zakenbanken kondigden in navolging van hun moeders in 1992 zelf ook een fusie aan. De ene partner is Mees & Hope, een zakenbank die vroeger twee hoofdkantoren (Amsterdam en Rotterdam) had en eigenlijk ook twee kernbedrijven. Het ene was dat van de traditionele zakenbank: vermogensbeheer, financiële adviezen en effectenhandel. De ander was een omvangrijk kredietbedrijf, dat deels de vorm had aangenomen van de uiterst goed renderende autoleasegigant, Lease Plan Holding. Mees & Hope werd in 1985 overgenomen door de ABN.

De fusiepartner was Pierson, Heldring & Pierson, een typische Angelsaksische zakenbank die tot in de jaren zeventig georganiseerd was als een ouderwetse firma, waar de firmanten hoofdelijk aansprakelijk waren met hun vermogen voor het financiële wel en wee van de bank. Pierson, een van de laatste bastions van het oude geld, paste zich wonderwel in de jaren tachtig, toen de aandelenmarkten opbloeiden en de 'nieuwe rijken' hun opwachting kwamen maken.

ABN en Amro hebben door hun fusie hun kosten in Nederland omlaag kunnen schroeven en in het buitenland door hun bundeling juist schaalvoordelen bereikt. Door een intensief overnamebeleid is ABN Amro juist als zakenbank in het buitenland gegroeid van een lokale partij naar een internationale instelling. “Door al deze organisatieveranderingen is het investment banking bedrijf het meest turbulente bedrijfsonderdeel van ABN Amro geworden”, schrijft dr. M. Nawas in zijn vorig jaar verschenen proefschrift over de bankenfusie. Nawas trok in zijn dissertatie ook de parallel met de fusie van Mees & Pierson, maar verbond daaraan geen harde conclusies. Hij constateerde wel dat de financiële resultaten achterbleven bij die van de moeder en dat de extra inkomsten door schaalvoordelen niet waren gerealiseerd, maar dat laatste liet ook bij ABN Amro een jaartje op zich wachten.

MeesPierson wilde door haar fusie schaalvoordelen bereiken en een continentaal Europese zakenbank worden. “Wij zijn al een Europese merchant bank”, vindt Kuiper nu. “Wij zijn in heel Europa gevestigd. Londen, Moskau, Frankfort, Budapest..” Intern geeft men wel toe dat het buitenland een harde noot is om te kraken, vooral de twee grootste markten, Frankrijk en Duitsland.

De continentale markt voor zakenbanken is een van de zwaarst bevochten arena's in de financiële sector. Elke nationale markt heeft zijn eigen lokale spelers, die het in hun eigen domein moeten hebben van concurrentievoordelen als (familie)connecties of lokale expertise. Vanuit Londen zijn de agressieve Amerikaanse en Britse zakenbanken actief. Kapitaalkrachtige Europese banken als Deutsche Bank, Swiss Bank (SBC) en Nederlandse financiële grootmachten als ABN Amro en ING hebben zich door overnames ter plekke in dezelfde eredivisies geschaard. “Europa is ons voorland, dat is de regio die wij geselecteerd hebben om onze kracht te laten zien”, zei Ken Costa, investment banking voorzitter bij de fusiebank SBC Warburg vorige week. In dat geweld is MeesPierson een kleine speler waarvan er vele zijn. De penetratie van MeesPierson op buitenlandse markten verloopt moeiaam, sommige werknemers gaan zelfs al zo ver om te zeggen dat er sprake is van een mislukking. Het behoud van klanten op de Nederlandse thuismarkt is een keihard gevecht. Moeder ABN Amro is heer en meester op de Nederlandse markt voor aandelenemissies, zoals blijkt uit haar leidende rol bij beursintroducties als KPN, Vendex International en - dit jaar - vatenfabrikant Koninklijke Van Leer, nota bene een bedrijf waarin MeesPierson indirect een aandelenbelang heeft.

“MeesPierson wordt doodgeknuffeld door ABN Amro”, zegt bestuurder D. Hamaker van de FNV Dienstenbond. Verkoop van MeesPierson is voor de top van ABN Amro een taboe. Dat zou vrijwel zeker een buitenlandse bank een prominente positie geven op de thuismarkt van ABN Amro.

Prestigieuze klanten van Mees en Pierson, zoals KNP BT en BolsWessanen, kiezen veelvuldig voor buitenlandse adviseurs als zij de grens over gaan om bedrijven te (ver)kopen. Bij grote Nederlandse fusies en overnames duikt de naam MeesPierson als adviseur niet zo vaak meer op. MeesPierson, die de sector media als een speerpunt ziet en ex-Elsevier-bestuursvoorzitter dr. P. Vinken als president-commissaris heeft, miste bijvoorbeeld een rol van betekenis in de verkoop van de Dagbladunie door Reed Elsevier.

Deze verkoop onderstreepte tevens de voor MeesPierson uiterst bedreigende veranderingen in de fusiemarkt. Bank en verzekeraar ING nam de totale overnamefinanciering van PCM voor zijn rekening en blokkeerde daarmee de weg voor een typische intermediair als MeesPierson, die niet zelf kapitaal verschaft, maar juist bemiddelt tussen geldvragers en -aanbieders. De kritiek van bestuursvoorzitter dr D. van Wensveen van MeesPierson op deze financiële power play van ING lokte ongekend felle reacties uit. ING plaatst nu een deel van de aandelen in PCM door naar andere beleggers en ziet dat als blijk van goedkeuring dat de deal in orde was. “Anderen hebben er nu ook met een goed oog naar gekeken en zijn geïnteresseerd, dus ik zou zeggen: waar blijf je met je praatjes”, zei ING-bestuursvoorzitter drs A. Jacobs vorige maand. Op de buitenlandse markt is de wedijver niet minder. Een uitvloeisel van de fusie was dat de profijtelijke samenwerking op de Europese markt tussen Pierson en de Duitse privé bank Sal Oppenheim werd beëindigd en dat Pierson de nieuwe zaken van de grond af aan moest opbouwen. Het geld dat daarvoor beschikbaar was, kwam uit de winst op de verkoop van dochter Lease Plan, maar die opbrengst lijkt vooral besteed aan sluitingen en reorganisaties en niet aan groei. De Franse effectenmakelaar Melendes werd gesloten. Ook in het Verre Oosten heeft MeesPierson zijn effectenhandel gestaakt. De Duitse financieel expert V. Klaucke, die uit de gelederen van de Deutsche Bank, Duitslands toonaangevende bank, werd gerecruteerd om de expansie in de Bondsrepubliek te leiden, is vorig jaar met stille trom weer vertrokken.

Als oplossing voor de stagnatie bij MeesPierson werd vorig jaar een nieuwe reorganisatie in gang gezet. Vorig jaar daalde het gemiddeld aantal medewerkers in Nederland met 78 naar 2.448. Het is de vraag of dat soelaas biedt. MeesPierson heeft vooral een inkomstenprobleem, zo zeggen experts in de financiële sector. Als verklaring wordt in de wandelgangen gewezen op de 'directeurtjescultuur' die na de fusie ontstaan is. Op de werkvloer zijn wel banen geschrapt, in het topechelon is niet gereorganiseerd.

“Angelsaksische zakenbanken hebben ook veel directeuren, dat hangt samen met de aard van de business”, zo zegt een bankier. “Directeuren moeten de relaties met de klanten bestendigen en nieuwe deals binnenbrengen. Dat is waar het bij MeesPierson aan schort.” Vorig jaar meenden sommige critici een keer ten goede te bespeuren, toen vier oudere directeuren een stapje terug deden, maar zij werden prompt bij het begin van dit jaar opgevolgd door vier nieuwe.

Van lieverlee zal MeesPierson zich verder specialiseren, is de verwachting. Bijvoorbeeld in beursintroducties van kleinere bedrijven, zoals matrijzenmaker Axxicon vorig jaar. Verder moet de bank haar traditionele kracht beter verkopen. Slechte marktbewerking is echter geen manco van vandaag of gisteren. Vijf jaar geleden hield toenmalig minister van Financiën W. Kok, die als verkoper van overheidsbedrijven een regelmatige klant is van zakenbanken, Pierson al voor dat zij haar marketing beter moest organiseren. “In het licht van de sterke internationalisering van het vak zou het niet slecht zijn om het element van de marketing van de dienstverlening eens onder de loep te nemen.”

Sterke punten van MeesPierson zijn bijvoorbeeld de financiële dienstverlening aan rijke particulieren (zogeheten private banking) en het vermogensbeheer. Met 110 medewerkers beheert MeesPierson bijna 18 miljard gulden vermogen van rijke particulieren en professionele beleggers, zoals pensioenfondsen. Vorig jaar was Obam, een beleggingsfonds van MeesPierson, het best presterende Nederlandse beleggingsfonds, maar buiten een kleine kring van insiders is het fonds totaal onbekend.

De bank heeft ook twee fondsen die beleggen in preferente aandelen, dat zijn effecten met een hoog vast rendement die op dit moment uiterst populair zijn. De klantenlijst en het relatienetwerk van MeesPierson zijn nog altijd uitstekend. En dat werkt: Port 'O Call, een beleggingsmaatschappij van dr. A. Dreesmann (van Vroom & Dreesmann) kocht onlangs een groot pakket aandelen in een van de fondsen van MeesPierson. Toevallig is oud-Elsevier bestuurder Vinken zowel commissaris bij de bank als bij de beleggingsmaatschappij van Dreesmann, terwijl een van Dreesmanns zonen bij de bank werkt.