Meerderheid in Kamer: hogere huursubsidie

DEN HAAG, 19 MAART. Een meerderheid in de Tweede Kamer wil de individuele huursubsidie meer verhogen dan staatssecretaris Tommel (Volkshuisvesting) van plan is. Dit bleek gisteren tijdens een eerste debat over de huursubsidie.

De nieuwe subsidieregeling moet per 1 juli 1997 ingaan. Naast onenigheid tussen de Tweede Kamer en Tommel zijn ook de regeringsfracties onderling verdeeld. Bovendien hebben alle fracties uiteenlopende kritiek op de plannen van de staatssecretaris, die daaraan maar gedeeltelijk tegemoet wil komen.

Vrijwel alle fracties kwamen gisteren met eigen voorstellen. De overeenkomst daartussen was volgens de staatssecretaris dat ze geen van alle van een deugdelijke financiële dekking waren voorzien. “Ik heb het geld niet”, hield de staatssecretaris de Kamer voor. Toch tekent zich in de Kamer een meerderheid af om de subsidie voor huurders met een laag inkomen verder te verruimen. Deze meerderheid bestaat uit PvdA, CDA, D66 en de meeste kleinere fracties.

Tommel gaat er in zijn voorstel vanuit dat huurders in alle gevallen 318 gulden zelf aan huur moeten betalen. Dat is de 'normhuur'. Bij huren tot aan 533 gulden krijgen de huurders met een laag inkomen het verschil met de normhuur volledig vergoed. Bij huren die hoger zijn dan 533 gulden geldt dit niet. Dan wordt op de subsidie een zogenoemde kwaliteitskorting toegepast, die groter is naarmate de huur hoger is en die verder afhankelijk is van de omvang van het gezin. PvdA en D66 vinden dat de korting niet moet ingaan bij huren hoger dan 533 gulden, maar pas bij 607 gulden. Het CDA meent dat de korting voor een- en tweepersoonshuishoudens pas bij huren van 610 gulden moet worden toegepast en voor grotere gezinnen bij een nog hogere huur.

De partijen verschillen van mening over verdere verhogingen van de huursubsidie. Zo wil het CDA het bedrag dat de laagste inkomens zelf aan huur moeten betalen, verlagen van 318 naar 280 gulden. De PvdA vindt dat de korting op de huursubsidie bij hogere huren drastisch moet worden verlaagd. Het ligt voor de hand dat de partijen de komende weken met elkaar zullen onderhandelen om tot een akkoord te komen. Ze wachten nog op gegevens van staatssecretaris Tommel over de financiële gevolgen van hun voorstellen.

Op steun van de VVD hoeven de andere fracties niet te rekenen. Kamerlid Hofstra van deze partij maakte duidelijk het extra geld dat het kabinet voor de huursubsidie heeft uitgetrokken, al mooi genoeg te vinden. Op één punt na leidde dat gisteren prompt tot een conflict tussen Hofstra en Tommel. De staatssecretaris vindt dat alleenstaanden en gezinnen met een eigen vermogen van respectievelijk 28.000 en 56.000 gulden geen aanspraak op huursubsidie kunnen maken. Daarmee wil hij 160 miljoen gulden besparen. De controle door de belastingdienst van de vermogens kost echter 60 miljoen. “Absurd en echt belachelijk”, vond Hofstra de hoogte van dit laatste bedrag.

De VVD vindt dat huurders met een vermogen tot ongeveer 60.000 gulden recht moeten houden op huursubsidie. Ook het CDA wil dit, terwijl de PvdA meent dat bijvoorbeeld oudere zelfstandigen die een eigen vermogen als pensioenvoorziening hebben opgebouwd, moeten worden ontzien.

De staatssecretaris en de Tweede Kamer werden het er gisteren wel over eens dat, in afwijking van de plannen, servicekosten grotendeels onder de huursubsidieregeling moeten blijven vallen.