Vrije markt is de oplossing voor drugs

Vandaag bespreekt de Tweede Kamer de drugsnota van de ministers van Volksgezondheid en Justitie. Volledige legalisering van softdrugs is daarin geen optie. Ten onrechte, meent Gert Plug. De samenleving is meer gebaat bij oplossingen in de richting van een vrijere markt, dan bij verbod en repressie.

In de drugsnota van het kabinet wordt benadrukt dat ons drugsbeleid primair gericht is op het beheersen van de volksgezondheid. Dat leidt tot de conclusie dat niet zal worden overgegaan tot legalisering. Het gedoogbeleid van softdrugs blijft van kracht, maar legaliseren van harddrugs is onaanvaardbaar. Legaliseren leidt tot lagere prijzen en tot meer jonge gebruikers, “met alle gezondheidsrisico's van dien”, zo laat de nota weten.

Twee vragen dringen zich op. Ten eerste, of dit laatste een terechte inschatting is. En, in het verlengde daarvan, meer in het algemeen de vraag of de volksgezondheid wel een goed uitgangspunt is voor het drugsbeleid. Dat de prijzen zullen dalen is inderdaad hoogst waarschijnlijk. De kostprijs van drugs is naar schatting één procent van wat de consument betaalt. Het verschil wordt opgestreken door de verschillende tussenhandelaren: door de drugs te versnijden, als vergoeding voor de moeite het spul te verhandelen (de transactiekosten) en ter compensatie van de risico's die daarbij worden gelopen. Legaliseren zal deze activiteiten grotendeels laten vervallen of overbodig maken, zodat per definitie een lagere prijs zal volgen.

In welke mate de lagere prijzen tot meer gebruik zullen aanzetten, is minder duidelijk. Ook de drugsnota zwijgt daarover. Uit economisch onderzoek is gebleken dat fors lagere drugsprijzen in uiterste gevallen weleens een verdubbeling van de vraag kunnen laten zien. Dat betekent echter niet dat ook de aantallen gebruikers of verslaafden zullen verdubbelen. De extra vraag zal voornamelijk worden uitgeoefend door de huidige gebruikers, die bij een gegeven inkomen meer kunnen kopen. Daar staat tegenover dat legalisering drugs ontdoet van hun stigma en magische klank, die juist de aanleiding tot gebruik kunnen zijn. Het is derhalve helemaal niet zo zeker dat legalisering het gebruik of het aantal gebruikers zal stimuleren.

Als de vraag niet spectaculair stijgt zullen ook de gezondheidsrisico's binnen de perken blijven. Daarbij komt dat in de huidige illegale markt drugs vermengd worden met andere stoffen die vaak veel gevaarlijker zijn voor de gezondheid dan de drugs zelf. De op houseparties aangeboden pillen bewijzen dat. Legaliseren maakt het voeren van merknamen en een daaraan gekoppelde kwaliteitsgarantie mogelijk en veel gerichter dan thans zal er voorlichting en hulp kunnen worden verstrekt. Het lijkt daarom waarschijnlijker dat door legalisering de gezondheidsrisico's voor de gemiddelde gebruiker zullen verminderen. Ook al nemen we aan dat de inschatting door de regering van meer gebruikers en grotere gezondheidsrisico's juist is, dan lijkt het redelijk naast deze nadelen van legalisering ten minste ook de voordelen mee te wegen, alvorens te besluiten wat te doen. Maar hoe vergelijk je gezondheidsrisico's met bij voorbeeld drugscriminaliteit en drugsoverlast?

Mijns inziens kan dat door in plaats van de volksgezondheid de maatschappelijke welvaart als maatstaf te nemen. Dat is op zich niet zo'n gekke suggestie als we weten dat internationale wetgeving waarop de huidige Nederlandse aanpak weer berust, als doel voor het drugsbeleid aangeeft: het bevorderen van de gezondheid en de welvaart van de mensheid. De mogelijk bij de regering levende, gedachte dat deze twee van elkaar zouden verschillen berust op een misverstand. Onze gezondheid is ons wat waard, we eten bewust, we doen aan sport en we voorzien ons van goede medische hulp. Gezondheid is als het ware een goed dat in een behoefte voorziet, we wensen gezond te zijn en te blijven.

Aan elke wens zitten in beginsel niet-economische en economische aspecten. Voorzover er een beslag wordt gelegd op schaarse (niet te verwarren met: zeldzame), alternatief aanwendbare, middelen (bij voorbeeld arbeidskracht), is onze gezondheidstoestand, net zoals een huis of een auto, economisch van aard. Dat sommige van die goederen niet of moeilijk in geld zijn uit te drukken - een bos en vrije tijd zijn andere voorbeelden - doet er niet toe. Ze bepalen wel degelijk onze welvaart in ruime zin. Er is tot op heden geen enkel gedetailleerd onderzoek in ons land verricht dat de maatschappelijke welvaart in ruime zin als uitgangspunt neemt. Doe je dit wel, dan wordt de keus af te zien van legalisering nog veel minder voor de hand liggend dan hij al was. Tegenover eventuele nadelen, staan bij voorbeeld lagere transactiekosten en het voordeel van een afname van de kleine criminaliteit. De verslaafde hoeft niet langer het dievenpad op, zich in de prostitutie te begeven, of drugs te verhandelen. Hierdoor verbetert ook de veiligheid op straat alsmede ons gevoel van veiligheid in de samenleving. En, om nog maar eens een voordeel te noemen, de Staat krijgt de mogelijkheid over de legale handel belasting en accijns te heffen.

Om te genieten van de voordelen van een genormaliseerde markt hoeven drugs niet in de vrije verkoop te worden gegooid. Er zijn goede argumenten om te beginnen bij wat in de drugsnota wordt voorgesteld: het gratis verstrekken van harddrugs aan verslaafden en daarnaast zorgen voor gebruikersruimten. Beperk dat echter niet tot een klein groepje problematische verslaafden maar breid dat uit tot grote groepen - of zelfs alle - verslaafden in ons land. Door vrije, maar gecontroleerde, verstrekking kan een goede kwaliteit worden gegarandeerd, goede voorlichting worden geven en gerichte hulp worden aangeboden. Deze manier van verstrekking lokt geen drugstoerisme uit. De verslaafden kunnen zich beter voeden, kleden en mogelijk huisvesten. De noodzaak tot crimineel gedrag neemt af en drugs, alsmede de daarmee gepaard gaande overlast, zullen minder dan thans het geval is, ons straatbeeld gaan bepalen. De maatschappelijke winst die er te behalen valt is enorm en dienen we ons niet door kortzichtige druk van buitenaf te laten ontnemen.