Cassandra Wilson

Cassandra Wilson: New Moon Daughter (Blue Note CDP 7243 8 37183 2 0). Distr. EMI.

Ze begon met liedjes in het Judy Collins/Joni Mitchell-idioom, 'zweefde' vervolgens een jaar of tien in de jazzscene maar keerde in '94 met de Blue Note cd Blue Light 'til Dawn terug naar de betere (pop)song, Tupelo Honey van Van Morrison bijvoorbeeld.

Op New Moon Daughter, opnieuw geproduceerd door Craig Street, trekt ze die lijn door met repertoire dat loopt van het aloude Skylark van Hoagy Carmichael tot het tamelijk recente Love is Blindness van U2. Ook verder toont ze een brede smaak: bij wie vind je zowel de obscure bluesartiest Son House als de brave Monkees gecoverd?

Dat de contra-alt Cassandra Wilson (38) geen gewone (pop)zangeres is blijkt ook uit haar aanpak die zowel ritmisch als harmonisch heel vrij is, een overblijfsel uit haar jaren in de jazz, net als haar lichte verwantschap met Betty Carter. Naast covers presenteert Wilson op deze cd ook vijf eigen stukken met Solomon Sang en Find him, allebei in het Joni Mitchell-genre, als de meest overtuigende. Een groot aandeel in het succes van deze grotendeels akoestische cd hebben Brandon Ross en Kevin Breit op gitaarvarianten en Lonnie Plaxico op contrabas. Dus is het te hopen dat zij er ook op 31 maart bij zijn wanneer Cassandra Wilson optreedt in het SJU-festival in het Utrechtse Vredenburg.