Rassenleer (2)

Steiner een racist te noemen, druist in tegen de historische werkelijkheid. Iedereen kan dat uit het werk van Steiner zelf opmaken. Bovendien zijn er talloze getuigenissen van mensen die hem op de een of andere manier hebben meegemaakt. Een ander punt is of een integer mens racistisch te noemen uitspraken kan doen. Dat lijkt in het geval van Steiner (en Wiechert) zeker zo te zijn. Ik ken zijn werk goed genoeg om te weten dat hij op verschillende plaatsen op een manier over rassen spreekt, die in het huidige klimaat (lees: na Auschwitz) zoniet puur racistisch, dan toch op zijn minst onbenullig klinken.

Het grote probleem met de antroposofie en de antroposofen is, dat de positieve kracht van Steiner is versteend in een overvloed van boeken en voordrachten die alle geïnspireerd zijn door de tijd waarin zij zijn geschreven en uitgesproken. Na Steiner is er geen enkele ziener meer opgestaan uit de scharen volgelingen die zich op zijn geestelijke erfenis hebben gestort. Bibliotheken vol overbodige exegese en geheimzinnigdoenerij benemen maar al te vaak het uitzicht op de meester zelf. In de antroposofische wereld is kritiek op Steiner absoluut not done. Alles wat hij heeft gezegd en gedaan is per definitie goed en heilig. Daardoor is een gezonde reiniging van de Augiasstal van zijn werk niet mogelijk.

De gevolgen daarvan worden nu langzamerhand zichtbaar en ik vrees, dat de reacties vanuit de antroposofische hoek te verkrampt zijn om deze uitdaging in hun voordeel te gebruiken.

Enkele kernpunten die als programma kunnen dienen om de steeds heftige kritiek te kunnen ombuigen, zijn: inventarisatie van de uitspraken over rassen en hun plaats in het werk van Steiner; verwijderen van die delen van zijn werk die racistisch geduid kunnen worden; pertinent afstand nemen van alle uitspraken van Steiner die door de tijd zijn ingehaald; afstand doen van de pretentie dat de Antroposofische Vereniging op zich een occulte kern heeft; vanuit de afgeslankte 'leer' aansluiting zoeken bij de meer moderne vormen van geestelijke ontwikkelingen, die kunnen worden verrijkt met bepaalde delen van de antroposofie.