Gist Brocades ziet verdere winstgroei; Delftse fabrikant werkt mondialer

DELFT, 16 MAART. Als de dollar dit jaar geen al te gekke dingen meer gaat doen, zal de Koninklijke Gist-brocades opnieuw een duidelijke toename van de netto winst boeken. Dat was de opgewekte boodschap van de voorzitter van de raad van bestuur, ir. H.C. Scheffer, gisteren bij de presentatie van de jaarcijfers over 1995.

Die netto winst groeit gestaag na dieptepunten in de jaren '89 en '90 toen er niet meer dan zeventig miljoen uit de onderneming kwam. Nu is die inmiddels met 144,1 miljoen gulden ruim verdubbeld (bij een omzet van 1,84 miljard gulden) en werd vorig jaar een stijging geboekt van twee procent ten opzichte van '94 toen er netto 141,2 miljoen gulden werd verdiend. En, wat Scheffer ook niet onaardig vond om te zeggen, het rendement op het geïnvesteerd vermogen is geklommen naar 13,2 procent, terwijl enkele jaren geleden 12 procent wellicht als een haalbare kaart werd gezien.

De Delftse fabrikant, die al 125 jaar gist voor bakkers maakt, begint steeds mondialer te opereren. Zo is Latijns-Amerika vrijwel geheel 'gecoverd' en slaat het bedrijf ook steeds meer zijn vleugels uit naar het oosten. Oost-Europa komt nadrukkelijk in beeld, er is een fabriek in Egypte en vooral in Azië moet expansie komen. In India, Indonesië, Hongkong en China zijn al vestigingen, maar daar kan nog veel gebeuren.

Die ontwikkeling is op pikante wijze terug te vinden in het jaarverslag. Zo had Gist eind vorig jaar 6.212 mensen in dienst - van wie 2.141 in Nederland - tegenover 5.325 het jaar daarvoor. Toen stonden er hier 2.253 op de Nederlandse loonlijst. Een stevige uitbreiding van de werkgelegenheid bij de onderneming heeft echter geleid tot een ander beeld van het totaal aan salarissen en sociale lasten, dat vorig jaar 465.780 miljoen gulden bedroeg, tegenover 480.111 in '94. “We zijn de duurste mensen kwijt - de Belgen - en daar hebben we Chinezen en Mexicanen voor teruggekregen, dat verklaart alles”, aldus Scheffer. “Hij knoopte daaraan vast: “Wij moeten ons meer gaan concentreren op die dingen waar we goed in zijn.”