Geschiedenis

Een vriend laat me twee foto's zien. Op de ene staat een vader met z'n zoon. Wacht even, 't kan ook z'n grootvader zijn. Of is het toch z'n vader? Met die oud makende bakkebaarden is dat moeilijk te zeggen.

Op de tweede plaat zie je alleen een kind. Net zo oud als die andere foto? Misschien. Het lijkt dat hij veel later is genomen en toch aarzel ik. Dat vreemde behang op de achtergrond ziet er oud uit. Of is het een kast waarin ze een versiering hebben gesneden?

M'n vriend laat me rustig kijken. Hij gunt me alle tijd. Terwijl ik kijk weet ik wat hij direct zal vragen. Daar komt het.

“Nou, wie zijn het?”

Ik heb geen idee. 't Moeten beroemdheden zijn, anders zou hij het me niet vragen. Geen kinderen die vroeger bij hem in de straat woonden. Bij die kleine met die zwarte kop begint me iets te dagen.

“Picasso?” vraag ik hoopvol. De jongen kijkt wel erg dom maar de Spaanse schilder wist toen hij klein was ook nog niet wat voor gezicht hij moest trekken.

“Fout.”

De andere maar eens bekijken. Een filmster? 't Is een mogelijkheid. Het kind kijkt wat vriendelijker maar net zo onnozel als het andere kereltje.

“Buster Keaton”, probeer ik. De komiek die nooit lachte kon z'n wenkbrauwen ook wel eens zo omhoog trekken.

“Fout, maar wel het goede land.”

Die komt dus uit Amerika. Moet ik nu alle oude Amerikanen opnoemen?

“Zeg alsjeblieft iets meer over die kinderen anders zit ik hier overmorgen nog te raden.”

Hij zegt dat de jongen op de schouder van z'n vader in 1882 werd geboren en die zwarte met z'n dikke toet zeven jaar later. Ze hebben wel eens een robbertje gevochten voegt hij er gul aan toe.

“Ah, 't zijn dus bekenden van elkaar”, denk ik hardop. “Boksers misschien? Dan wel van heel lang geleden. Die ene is een Amerikaan. Joe Louis, Joe Walcott, nee dat zijn zwarten. En die andere? Marcel Cerdan, zo heette een bekende Franse bokser en in Duitsland had je het als ik het goed heb Max Schmeling.”

“Nu ben je er bijna.”

“Ik geef het op”, antwoord ik. Het duurt me te lang en meer namen van oude boksers ken ik niet.

“Je kent de geschiedenis slecht”, zegt hij met een overwinnaarsglimlach. “Kijk nou eens goed, Amerika en Duitsland, president en Führer...”

“...Roosevelt en Hitler.”