Wildjacht (1)

De bijdrage 'De natuur is beter af zonder jagers', van prof. H. Prins (27 februari), lijkt meer gemotiveerd te zijn door emoties dan door een zakelijk-wetenschappelijke en voorlichtende instelling. Het is de schrijver ontgaan, dat het doden, resp. uitroeien van dieren en jacht geheel verschillende zaken zijn.

De historische ontwikkeling van de jacht tot het huidige, voor het natuurbehoud onmisbare jachtbedrijf is de schrijver kennelijk niet bekend. Van een hoogleraar natuurbeheer mag kennis van zaken en objectieve voorlichting verwacht worden. De heer Asscher verwierf als rechter en bewogen mens de gave als geen ander om mensen in conflictsituaties tot elkaar te brengen. Zo ook in zijn artikel (17 februari), waar het om jagende en niet-jagende natuurbeschermer gaat. Schrijnend is de wijze waarop de schrijver de goede bedoelingen van de heer Asscher negeert.