Toespraak premier Juppé; Nationale staat kern van Franse plannen in EU

PARIJS, 14 MAART. “De nationale staat blijft meer dan ooit de belangrijkste en centrale plaats waar het democratisch contract wordt uitgevoerd, waar de sociale en politieke band bestaat tussen de burgers en hun vertegenwoordigers.”

Met die woorden heeft de Franse premier Juppé nog eens onderstreept dat Frankrijk iedere uitbreiding van de rol van het Europees Parlement en de Europese Commissie zal tegenhouden.

Met het naderen van de Intergouvernementele Conferentie (IGC), waar - eind van de maand in Turijn voor het eerst - zal worden gesproken over de toekomstige institutionele vormgeving van de Europese Unie, tekent zich een brede overeenstemming af binnen de Franse politiek.

Met uitzondering van de communisten en een aantal rechtse stromingen, die 'Europa' helemaal afwijzen, kiest Frankrijk voor een stroomlijning van de Europese Unie op basis van een versterkte rol voor de Raad van Ministers en een beter gecoördineerd gemeenschappelijk buitenlands en defensiebeleid.

Juppé zette gisteren in de Assemblée Nationale het Franse beleid uiteen met het oog op de komende IGC. Tot ongenoegen van sommige leden sprak hij zich eerder op de dag , terwijl het debat al bezig was, al uit over Europa op een bijeenkomst van Europese conservatieven die bijeen waren in het stadhuis van Parijs. Bij die gelegenheid sprak Juppé zijn zorgen uit over het gemeenschappelijk justitie- en politiebeleid.

“Het is moeilijk in te zien hoe men een Europa kan bouwen dat over een gemeenschappelijke munt beschikt, een geïntegreerde economie en een gemeenschappelijke defensie bezit terwijl men niet in staat is de grote uitdagingen van morgen het hoofd te bieden, zoals de grote drugsplaag, de grote criminaliteit en de illegale immigratie - terreinen waarop de gevolgde politiek van de lidstaten nog sterk uiteenloopt en soms zelfs tegenstrijdig is.”

Juppé voegde er aan toe: “Onze staten bezitten zeer verschillende tradities, beleidsopvattingen en methodes waar het gaat om het nationaliteitsrecht, het asielrecht, de immigratie en in het bijzonder de strijd tegen drugs. Die verschillen bezwaren de toekomst en maken het Verdrag van Schengen in zijn huidige vorm moeilijk toepasbaar.”

Zonder in details te treden over de manier waarop de Europese Commissie of het wisselend voorzitterschap van de Europese Unie gestroomlijnd zouden moeten worden, herhaalde Juppé Frankrijks voorkeur voor een 'super secretaris-generaal' (om het buitenlands en defensiebeleid te coördineren en te verwoorden) en een 'hoge parlementaire raad' (waarin nationale parlementariërs kunnen toezien dat de EU geen taken vervult die aan de natie thuishoren).

Juppé's voorstel te komen tot een Europees leger van 250.000 à 350.000 man zou in eerste instantie moeten bestaan uit 50 à 60.000 man, te leveren door ieder van de vijf grote Europese landen. Over deelname van kleinere landen sprak hij niet. Dit leger zou worden geleid door de WEU en de Europese pijler van de NAVO worden, om met of zonder de Amerikanen vredestaken te kunnen uitvoeren.