Oude hot-spotfauna moet steeds op zoek naar nieuw leefgebied

Een opmerkelijke fauna wordt op de mid-oceanische ruggen aangetroffen waar zwakke plekken in de aardkorst een grote toevoer van aardwarmte opleveren (hot spots). Deze fauna blijkt te kunnen helpen bij het reconstrueren van vroegere continentverschuivingen (Nature, 8 feb.).

De mid-atlantische ruggen markeren de uiteendrijvende schollen van de lithosfeer. De rek, die wordt veroorzaakt door het patroon van convectiecellen in de aardmantel, leidt tot zwaktezones in de aardkorst waarlangs magma kan opstijgen. Ook waar geen magma kan opstijgen, kan een warmtestroom uit het binnenste der aarde zorgen voor toevoer van energie. Deze blijkt voldoende om, zelfs in het pikdonkere, reducerende milieu van de mid-oceanische ruggen, leefgemeenschappen in stand te houden. De eerste werd in 1977 ontdekt voor de kust van Equador.

De leefgemeenschappen rond de hot spots vertonen een rijkdom aan individuen, maar een beperkt aantal soorten: er zijn op alle onderzochte plaatsen samen nog geen 400 verschillende diersoorten aangetroffen. De ruggen vormen een onneembare barrière vormen voor bewoners van de overige diepzee: de soorten aan weerszijden van de ruggen verschillen steeds sterk.

De hot spots liggen verspreid en hebben een beperkte levensduur. Dit betekent dat de leefgemeenschap rond zo'n hot spot voortdurend in zijn bestaan wordt bedreigd: de aanvoer van energie waarvan de dieren via chemosynthese afhankelijk zijn, is immers niet continu. Overleven is slechts mogelijk als de soorten steeds nieuwe hot spots kunnen 'veroveren'. Geologen van de Universiteit van Victoria (Canada) en van de Universiteit van Londen (Engeland) menen dat de individuen in een larvaal stadium worden meegenomen door zeestromen.

Deze hypothese wordt ondersteund door de verspreiding van de diverse soorten: naarmate hot spots verder uit elkaar liggen, neemt het aantal gelijke soorten af. Dit wijst erop dat kolonisatie van nieuwe plaatsen gebeurt via de weg van de geleidelijkheid. Daarbij moet worden bedacht dat het verdwijnen van hot spots, in combinatie met onvoldoende succes bij het koloniseren van nieuwe plaatsen, ertoe kan leiden dat bepaalde soorten in grote gebieden zijn verdwenen, en dat die gebieden dan weer van voren af aan moesten worden veroverd. Dit verklaart de onregelmatige verspreiding van sommige soorten. Andere onregelmatigheden kunnen de onderzoekers verklaren door reconstructie van de vroegere posities van de ruggen.