Geen vervolging voor dood van gedetineerde

ROTTERDAM, 14 MAART. Er komt geen strafrechtelijke vervolging tegen de bewaarders, die begin dit jaar in het Rotterdamse huis van bewaring aan de Noordsingel een gedetineerde in bedwang hielden, waarna deze om het leven kwam. Het geweld dat door de bewaarders is gebruikt tegen de gedetineerde is “passend en proportioneel”. Dit concludeert de Rijksrecherche, die een onderzoek naar de zaak had ingesteld.

De dood kan ten dele zijn veroorzaakt door een 'nekklem' waarmee de man kort tevoren door een bewaarder in bedwang gehouden was, aldus de Rijksrecherche. De man, een kickbokser die bekend stond als Super Ted, was op 14 januari betrokken bij een vechtpartij met een andere gedetineerde. De ruzie ging over een telefoonkaart. Toegesnelde bewaarders haalden de vechtenden uit elkaar en sleepten Super Ted op zijn buik naar zijn cel. Daar aangekomen bleek hij te zijn overleden.

Volgens de Rijksrecherche is uit sectie gebleken dat de man “ziekelijke afwijkingen” aan het hart had. Daarnaast vond de patholoog-anatoom sporen van “ademhalingsbelemmering” en “uitwendig geweld”, zoals een “breuk bij het strottenhoofd”. De Rotterdamse officier van justitie acht het “aannemelijk” dat dit letsel is ontstaan door een nekklem die door bewaarders werd aangelegd om de man in bedwang te houden.

Een combinatie van factoren zou geleid hebben tot het overlijden van de man. Genoemd worden “opwinding en inspanning ten gevolge van het incident, het gebruik van verdovende middelen alsmede een ademhalingsbelemmering, al dan niet veroorzaakt door een breuk bij het strottenhoofd”. Daarnaast waren de hartafwijkingen van de man volgens de Rijksrecherche zo ernstig, dat die op zichzelf al een plotselinge dood zouden kunnen verklaren.