Alleen Arafat vertrok met lege handen uit Sharm el-Sheikh

SHARM EL-SHEIKH, 14 MAART. “Het gaat om de veiligheid van Israel. De rest is van ondergeschikt belang.” In een lieflijk begroeid paviljoen naast zijn hotelkamer 'huisje nummer 13' In Sharm el-Sheikh maakte de Israelische premier Shimon Peres gistermiddag duidelijk waarom hij niet van plan is voorlopig de sluiting van Gaza en de Westelijke Jordaanoever op te heffen.

De vijfurige 'Top van de Vredestichters' in het Egyptische vakantieoord was zojuist officieel afgesloten. Zoals alle andere deelnemers was ook de Palestijnse leider Yasser Arafat hier gekomen met zijn eigen, particuliere agenda: die sluiting opgeheven krijgen. De wereldleiders, Peres incluis, hadden hem weliswaar geprezen omdat hij de laatste weken in zijn jacht op islamitische extremisten een onkarakteristieke doortastendheid aan de dag had gelegd. Maar hij werd er niet voor beloond, behalve met de toezegging dat 'humanitaire hulp' aan de opgesloten Palestijnen doorgang kon vinden. In de wandelgangen van de conferentie sprak iedereen gisteren met iedereen (Peres deed zelfs voor hoe hij voor het eerst van zijn leven de Saoedische minister van Buitenlandse Zaken de hand had geschud: “Nou, hij gaf mij zijn rechterhand en die pakte ik met mijn rechterhand vast”).

Maar Peres meed Arafat. Na de vier recente bomexplosies in Israel heeft Peres hevig aan populariteit ingeboet. Omdat hij toch graag in mei de verkiezingen wil winnen, kan hij zich nu niet in het openbaar met Arafat vertonen. Na de gezamenlijke fotosessie van de wereldleiders was Peres ostentatief de andere kant opgelopen om niet tegen Arafat op te botsen. Bill Clinton ontfermde zich toen over de zichtbaar nijdige Arafat. Hij aaide Arafat amicaal over zijn rug, alsof hij wilde zeggen: Het komt allemaal wel goed.

Peres werd, tot genoegen van Arafat, door Arabische journalisten bestookt met vragen over de “collectieve straf” die hij het Palestijnse volk oplegde. Maar Peres gaf geen krimp. “Als hij nu niet hard optreedt”, zei een van zijn tientallen meegereisde medewerkers, “loopt hij de kans de verkiezingen te verliezen.”

Op dat moment klonk zacht geruis. Snelle voetstappen op het gras, struikgewas dat aan de kant werd gezwiept. Wie snel omkeek, kon nog net de geblokte Keffiyeh van Arafat in het lage zonlicht zien verdwijnen. Zijn delegatieleden en een horde cameralieden volgden in zijn kielzog. Arafat stapte zonder een woord te zeggen het terras van zijn kamer op en klapte de deur dicht. “De president slaapt”, zeiden de lijfwachten met hun donkere zonnebrillen. Maar wie nog even op het terras bleef, kon buitenlandse diplomaten in en uit zien lopen. Een Palestijn van de ambassade in Kairo zakte zuchtend in een stoel en zei: “Wat een crisis! We zitten nog geen vijftig meter van de Israeliërs vandaan en we wisselen geen woord met ze.” Die mededeling kreeg des te meer gewicht toen Abu Mazen uit het huisje kwam stappen, die namens de Palestijnen in Oslo met de Israeliërs onderhandelde. Als iemand het symbool is van de 'constructieve dialoog', is hij het. Zijn gezicht stond op onweer.

Naast Arafats huisje grapte Boris Jeltsin tegen iedereen, het gezicht gepoederd, het haar fris gekamd. Medewerkers van de Marokkaanse koning reden in witte jurken koelboxen heen en weer op elektrische bagagekarren. Warren Christopher dronk ontspannen een glas met de pers. Maar Arafat bleef gespannen als een veer. Israel had de steun van de hele wereld ontvangen, zelfs van de Golfstaten. President Clinton had zijn punt gemaakt met deze conferentie, ook al was het hem niet gelukt de Europeanen tot een boycot tegen Iran te verleiden. Ook voor gastland Egypte, dat altijd graag zijn sleutelrol in het Midden-Oosten bevestigd ziet, was deze grote antiterrorismeshow een opsteker. Waarom moesten de Palestijnen dan met lege handen naar huis?

Ineens sloeg de deur open. Arafat beende het pad op. De andere Palestijnen sprongen op, maar konden hem nauwelijks bijhouden. “Hij gaat naar Chirac”, meldde zijn woordvoerder. En daarna ging hij naar alle andere leiders die nog niet waren vertrokken. Arafat duwde, Arafat trok. Konden zij niet nog een keer met Peres..? Arafat bleef het allerlangst van iedereen in Sharm el-Sheikh. Pas vanmorgen vertrok hij. Met lege handen, vond hij zelf.