Senaat kritiseert Wijers inzake olie-en gaswinning

DEN HAAG, 13 MAART. De Eerste Kamer heeft gisteren een reeks voorwaarden aan minister Wijers (Economische Zaken) gesteld voor het opleggen van scherpere voorschriften voor olie- en gaswinning in Nederland.

Met algemene stemmen aanvaardde de Senaat een wetsvoorstel van Wijers dat nieuwe voorschriften van de Europese Unie voor exploratie en produktie van olie en gas in de Nederlandse mijnwetgeving vastlegt. De fracties van de VVD en het CDA uitten echter scherpe kritiek op een aantal bepalingen in het wetsvoorstel die niet in de desbetreffende richtlijn van de EU voorkomen, maar die de minister meteen wilde 'meenemen' in de wijziging van de mijnwetgeving. VVD en CDA willen voorkomen dat door het stellen van scherpere voorwaarden aan oliemaatschappijen nieuwe investeringen in de gaswinning, vooral waar het zeer kleine velden op de Noordzee betreft, in gevaar komen.

Wijers kreeg pas het groene licht van deze fracties na een toezegging dat de uitvoeringsregels (Algemene Maatregelen van Bestuur - AMvB's) die hij krachtens de nieuwe wet wil uitbrengen, aan zowel de Tweede- als de Eerste Kamer ter toetsing en eventuele wijziging worden voorgelegd. In die AMvB's worden nieuwe voorschriften die aan vergunningen voor opsporing en winning van olie en gas zijn verbonden, vastgelegd.

Een van de kernpunten van kritiek uit de Senaat is dat Wijers oliemaatschappijen die samen een gasveld exploiteren, hoofdelijk aansprakelijk wil stellen voor de betaling van een aantal belastingen. Olie- en gasmaatschappijen achten dit een onnodige en belemmerende voorwaarde, maar de minister wil zekerheid dat ondernemers hun verplichtingen jegens de staat nakomen. De Tweede Kamer had Wijers vorig jaar al gedwongen het staatswinstaandeel van deze hoofdelijke aansprakelijkheid uit te zonderen. Te verwachten is nu dat er parlementaire bezwaren komen als de minister deze voorwaarde voor de overige belastingen zal stellen, waar het betreft nieuwe vergunningen.

Hetzelfde geldt als de minister in nieuwe vergunningen een bankgarantie wil eisen voor de betaling van het winstaandeel van de staat in de gaswinning. VVD-senator ir. N. Ketting wees er gisteren op dat een dergelijke zekerheidsstelling discriminerend kan werken als ze voor de ene vergunning wel en de andere niet zal gelden en als het bedrag per vergunning varieert. Ook zou de bankgarantie een ernstige belemmering kunnen vormen voor kleine ondernemers om in de olie- en gaswinning te investeren.

PvdA-woordvoerder dr. K. Zijlstra drong er bij Wijers op aan in de vergunningsvoorwaarden ook regels voor de bescherming van het milieu op te nemen en eventueel winningsvergunningen te weigeren als de aanwezigheid van een gas- of olieveld is vastgesteld in een gebied waar het (zee-)milieu zeer kwetsbaar blijkt te zijn. De minister zegde toe dat deze kwesties bij een toekomstige, algehele herziening van de mijnwetgeving zal worden bezien.

De vereniging van gas- en olieproducenten Nogepa gaf gisteravond bij monde van secretaris-generaal J. Mathey als commentaar dat bij de totstandkoming van deze nieuwe wettelijke regeling “bepaald niet de makkelijkste weg is gekozen”. “We kunnen bij de uitvoeringsregels nog voor complicaties komen te staan, maar we zijn zeer dankbaar voor de belangstelling die het parlement toont voor de belangen van onze industrie. Door die aandacht is het gevaar van vertraging van investeringen nu wel geweken”, aldus Mathey.