Harry Wu: 'Westen moet kritiek leveren op China'

DEN HAAG, 13 MAART. De Chinees-Amerikaanse dissident Harry Wu vindt dat Westerse landen niet moeten opereren “als economische beesten”, maar kritiek moeten leveren op de schendingen van de mensenrechten in de Volksrepubliek China. Wu zei dat vanmorgen op een persconferentie waar de Nederlandse tak van de mensenrechtenorganisatie Amnesty International het rapport No one is safe presenteerde.

Amnesty International is vandaag begonnen met een internationale campagne tegen “de onderdrukking van de bevolking van China” onder het motto 'Tijd om te handelen'. Volgens Amnesty zijn ondanks de “dramatische (economische) veranderingen die het laatste decennium hebben plaatsgehad in China, de schendingen van mensenrechten op grote schaal doorgegaan”. In het rapport No one is safe zegt de organisatie dat “elke activiteit die wordt gezien als een bedreiging van de stabiliteit” wordt onderdrukt. China houdt volgens Amnesty International duizenden politieke dissidenten en leden van etnische of religieuze minderheden vast en martelt gevangenen. De doodstraf zou in toenemende mate worden gehanteerd om de groeiende criminaliteit te bestrijden. Amnesty meldt tevens dat honderdduizenden mensen zonder aanklacht of veroordeling in zogeheten administratieve detentie zitten, vaak in werkkampen.

Volgens Frans Huijnen, voorzitter van de Nederlandse afdeling van Amnesty International, negeren buitenlandse regeringen de schendingen van mensenrechten omdat de Volksrepubliek “een aantrekkelijke economische groeimarkt” vormt. “Economie en handel lijken de drijfveren voor diplomatieke contacten.” Het respecteren van mensenrechten is, zei Huijnen, evenwel “ook een internationaal belang”.

De mensenrechtenorganisatie roept regeringen en bedrijven die zaken doen met de Volksrepubliek op schendingen van mensenrechten te betrekken bij onderhandelingen over economische transacties. Volgens Huijnen kan “een campagne van het bedrijfsleven en overheden een verschil maken”.

Wu pleit voor een boycot van goederen die in gevangenkampen zijn geproduceerd. “Het zijn goedkope produkten die met goedkope arbeid zijn gemaakt, maar die Chinezen mensenrechten ontzeggen”, aldus Wu. Volgens Wu ondersteunen te veel regeringen het Chinese argument dat “mensenrechten komen na economische ontwikkeling”. “Kapitalisme brengt niet per definitie politieke vrijheid. Kijk maar naar Iran en Irak.”

Maarten Van Traa, ondervoorzitter van de vaste kamercommissie voor buitenlandse zaken, zei het op dit punt eens te zijn met Wu. China zou, aldus Van Traa, geen speciale behandeling mogen krijgen wegens zijn status van grootmacht. In de contacten met China zou ook van bedrijven die zaken doen met de Volksrepubliek meer gevraagd mogen worden, zei Van Traa.

Wu ontving vanmiddag in Vlaardingen uit handen van Max van der Stoel de Geuzenpenning van de Stichting Geuzenverzet. Wu krijgt de onderscheiding wegens zijn strijd tegen “vergaande verontmenselijking van een samenleving”.