Vice-voorzitter antroposofen treedt af wegens uitspraken

ZEIST, 12 MAART. Vice-voorzitter C. Wiechert van de Antroposofische Vereniging in Nederland is afgetreden. Hij zei drie weken geleden voor de radio dat hij begrip had voor omstreden uitlatingen van Rudolf Steiner, de grondlegger van de antroposofie, over negers en indianen. Wiechert wil met zijn aftreden voorkomen dat er nog meer discussie over zijn persoon ontstaat.

Het bestuur van de Antroposofische Vereniging liet enkele dagen na de uitzending weten de uitspraken van zijn vice-voorzitter te betreuren. “Racisme en discriminatie achten wij volstrekt verwerpelijk. Elke opvatting die de gelijkwaardigheid van mensen in twijfel trekt, wijzen wij principieel af. Voor zover bij Rudolf Steiner sprake is van rassenleer nemen wij daar uitdrukkelijk afstand van”, zo schreef het bestuur in een advertentie die kort na de uitzending werd geplaatst in een aantal landelijke dagbladen.

Negentig leden van de Antroposofische Vereniging vinden dat het bestuur de advertentie niet had mogen plaatsen. Op 30 maart komt een motie in stemming op een buitengewone ledenvergadering waarin het vertrouwen in het bestuur wordt opgezegd. De negentig leden storen zich volgens de vijfduizend leden tellende vereniging met name aan de laatste zin van de advertentie, die suggereert dat Steiner van racisme zou kunnen worden beschuldigd. Alleen wie Steiner niet goed bestudeert, kan tot die conclusie komen, aldus de negentig leden. Volgens de negentig leden heeft Steiner juist altijd de nadruk gelegd op de ontwikkeling van het individu.

Wiechert, docent aan een Vrije School in Den Haag, zei voor de radio onder meer dat hij zich wel kon vinden in de uitlatingen van Steiner over rassen. Steiner heeft onder meer gezegd: “Eigenlijk kan de hele geschiedenis en kan het hele sociale leven - ook het tegenwoordige sociale leven - alleen maar worden begrepen als er op de karakteristiek van de 'rassen' wordt ingegaan. En pas als je je er eerst in verdiept hoe het geestelijke in de mens juist door de huidskleur heen werkzaam is, kun je dat geestelijke in de juiste zin begrijpen.”

Steiner vergeleek zwarten met kinderen en hij meende dat de indianen uit Afrika afkomstige zwarten zijn die noodzakelijkerwijs moeten uitsterven omdat ze “decadent” en “gedegenereerd” zijn. Steiner: “Wanneer negers naar het westen trekken, kunnen ze niet meer zoveel licht en warmte opnemen als in hun Afrika (...) Daardoor worden ze koperrood, ze worden Indianen. Dat is het gevolg van het feit dat ze gedwongen zijn een deel van het licht en van de warmte terug te kaatsen. Glanzend koperrood worden ze. Dat koperrode glanzen kunnen ze niet volhouden. Daardoor sterven de Indianen in het westen uit, sterven aan hun eigen natuur die te weinig licht en warmte krijgt, ze sterven aan het aardse. (...) Het blanke ras is het ras van de toekomst, het ras dat scheppend met de geest bezig is.”

De uitspraken van Steiner worden geciteerd in de brochure 'Uit de vrije school geklapt' van mevrouw T. Jeurissen uit Zutphen, moeder van twee kinderen op een Vrije School. De brochure is verstuurd aan alle 95 Vrije Scholen in Nederland. Jeurissen vraagt de scholen, die zich baseren op de antroposofie, afstand te nemen van de uitlatingen van Steiner.