Reorganisatie speelt Hoechst Holland parten

De winst van het chemiebedrijf Hoechst Holland is vorig jaar flink gedaald. Dat komt door het wegvallen van een aantal activiteiten als gevolg van een reorganisatie binnen het Duitse moederconcern. Hoechst Holland is een onderdeel van het Duitse Hoechst chemieconcern dat wereldwijd werkzaam is en totaal 170.000 mensen in dienst heeft.

Begin 1995 werden de verkoopactiviteiten van ingevoerde produkten ingebracht in andere ondernemingen en werd de DMT-fabriek in Vlissingen (DMT= dimethyltereftalaat) overgedragen aan een nieuwe opgerichte vennootschap. Eind 1995 werden de activiteiten in de vestiging Weert ingebracht in een drietal b.v's die vooralsnog volledige dochters van Hoechst Holland zijn. Kort na de jaarwisseling werd het hoofdkantoor in Amsterdam opgeheven en geïntegreerd in de vestiging Vlissingen.

Het resultaat voor belasting halveerde van 48 miljoen gulden tot 23 miljoen. De netto winst duikelde van 30 miljoen tot 11 miljoen gulden, zo laat het jaarverslag zien. De activiteiten die onder Hoechst Holland zijn blijven vallen, lieten al met al een iets beter resultaat zien.

In de sectoren fosfor en harde foliën ging de winst aanzienlijk omhoog. Bij de grondstoffen voor wasmiddelen daalde het resultaat. In de sector A-PET foliën (A-PET = amorf polyethyleentereftalaat, onder meer toepasbaar in medische verpakkingen) leed Hoechst Holland verlies, waardoor een extra afschrijving geboden was. De bedrijfsreorganisatie leidde tot een vermindering van de omzet van 1,54 miljard gulden tot 1,05 miljard gulden.

Het gemiddeld aantal werknemers daalde van 2504 tot 2240. Ongeveer driekwart van hen is elders in het Hoechst-concern geplaatst. Het aantal banen dat werkelijk verloren ging, bedraagt negentig.

Directeur B. Van Nederveen noemt de vooruitzichten voor Hoechst Holland in 1996 positief. Van Nederveen treedt op 1 april vervroegd af. Hij wordt opgevolgd door M. Knuttel.