Lagere norm: meer drugstoeristen

DEN HAAG, 12 MAART. In de grensstreken is extra overlast van drugstoeristen te verwachten als de maximale hoeveelheid softdrugs die coffeeshops mogen verkopen wordt verlaagd van dertig tot vijf gram. Daarom is er meer politie in de grensgebieden nodig.

Dit stelt de ambtelijke commissie Veiligheid en Verslavingszorg in een advies aan de ministers Borst (Volksgezondheid) en Sorgdrager (Justitie) en staatssecretaris Kohnstamm (Binnenlandse Zaken). De commissie wijst de bewindslieden erop dat het noodzakelijk is de vastgestelde norm “stringent te handhaven”, mede met het oog op de geloofwaardigheid van het Nederlandse drugsbeleid in het buitenland. De commissie bracht het advies gisteren uit, een week voordat de Tweede Kamer met het kabinet debatteert over de drugsnota. Daarin wordt de verlaging van de norm voorgesteld.

Ook vindt de commissie dat heldere afspraken moeten worden gemaakt met de autoriteiten in Duitsland, België en Frankrijk over een wederzijds afgestemde aanpak van grensoverschrijdende kleinhandel in softdrugs. In die landen is de laatste maanden regelmatig kritiek geleverd op het liberale Nederlandse drugsbeleid.

De ambtelijke commissie adviseert het kabinet verder de maximale handelsvoorraad cannabis voor coffeeshops vast te stellen op vijfhonderd gram. In de drugsnota werd geen expliciete hoeveelheid genoemd.

Volgens een rapport dat gisteren werd aangeboden aan minister Sorgdrager en de Rotterdamse burgemeester Peper moeten drugsverslaafden met een zeer omvangrijk strafrechtelijk verleden en die doorgaan met het veroorzaken van overlast worden opgenomen in een aparte inrichting. Een eerste experiment hiermee begint in Rotterdam. Er moet een wettelijke regeling komen die voorziet in de mogelijkheid van oplegging van een strafrechtelijke maatregel tot opvang van drugsverslaafden voor maximaal twee jaar, aldus de commissie.

Sorgdrager reageerde positief op het advies. De minister zei dat Nederland weliswaar goed in staat is een eigen drugsbeleid te voeren, maar dat dit niet betekent dat “wij alles maar accepteren”. Ook het gebruik van softdrugs niet, aldus Sorgdrager. Peper vindt dat de overheid verslaafden die overlast veroorzaken te lang heeft getolereerd. “Ook verslaafden moeten zich aan de wet houden”, zei hij.

Pagina 9: OVERLAST

Het kabinet kondigde de gedwongen opvang vorig jaar al aan in de drugsnota. Het project in Rotterdam richt zich op een groep drugsverlaafden tussen de 18 en 35 jaar die regelmatig delicten plegen in de gemeente. Veel van hen zijn al tien tot vijftien jaar verslaafd en maken zich met grote regelmaat schuldig aan criminele handelingen om in hun behoefte te kunnen voorzien.

Het doel van het project is de overlast terug te dringen. Verder moet worden geprobeerd de verslaving beheersbaar te maken door middel van zorg en het aanbieden van bijvoorbeeld een opleiding. Om gedwongen plaatsing mogelijk te maken wordt een wettelijke regeling voorbereid waarmee de rechter de maatregel kan opleggen voor een bepaalde periode. Daarbij wordt gedacht aan maximaal anderhalf tot twee jaar. De maatregel wordt ten uitvoer gelegd in één inrichting. In afwachting van de wetswijziging begint dit jaar in Rotterdam een proef met dwangopname.

De ambtelijke commissie adviseert de bewindslieden het project uit te breiden. In Rotterdam en Amsterdam zouden honderd plaatsen moeten komen, in Den Haag en Utrecht vijftig en nog eens vijftig in de overige grote steden.