Hoofddoek inzet van omstreden ontslag

AMSTERDAM, 12 MAART. Een Amsterdamse huisarts wil zijn assistente ontslaan omdat zij weigert haar hoofddoekje thuis te laten. Dit zegt het Anti Discriminatie Bureau in Amsterdam.

Het bureau heeft een klacht ingediend bij de Commissie Gelijke Behandeling, die zich er morgen over buigt. Morgenmiddag dient de zaak voor de kantonrechter. Vorig jaar bepaalde de commissie dat een verbod op het dragen van een hoofddoek in strijd is met de Algemene Wet Gelijke Behandeling.

De vrouw werkte sinds januari 1993 bij de arts. Ze heeft het altijd goed met haar werkgever kunnen vinden, aldus R. Masselman van het Anti Discriminatie Bureau. De vrouw, een praktizerende moslim, droeg sinds begin dit jaar een hoofddoek. Begin februari werd de vrouw met betaald verlof naar huis gestuurd en begon de arts voor de kantonrechter een ontslagprocedure tegen de vrouw. De arts wil in afwachting van de behandeling door het kantongerecht geen commentaar geven.

Volgens de voorzitter van de Amsterdamse Huisartsen Vereniging, B.P.M. Schweitzer, kan het dragen van een hoofddoek nooit een reden zijn om iemand te ontslaan. “Wij hebben de indruk dat het conflict niet draait om het hoofddoekje, maar om een verstoorde arbeidsrelatie.” De vrouw zou een te zelfstandige werkhouding aan de dag hebben gelegd en afspraken over arbeidstijden zouden niet altijd even gemakkelijk gemaakt kunnen worden. Volgens Schweitzer heeft de arts tot twee maal toe geprobeerd de kwestie van het hoofddoekje met zijn assistente te bespreken. Toen partijen niet nader tot elkaar kwamen besloot hij de arbeidsovereenkomst te beeïndigen omdat sprake was van een scheef gegroeide werkverhouding.

Het Anti Discriminatie Bureau stelt daarentegen “dat alles erop duidt dat haar werkgever haar wil ontslaan zuiver en alleen wegens het dragen van een hoofddoek.” Volgens Masselman zou de arts heel tevreden zijn over zijn assistente “mits zij de hoofddoek maar af zou doen”.