Ex-presidenten Z-Korea 'wilden de natie redden'

SEOUL, 12 MAART. De twee voormalige Zuidkoreaanse presidenten Chun Doo Hwan en Roh Tae Woo hebben gisteren voor de rechtbank ontkend zich aan muiterij te hebben schuldiggemaakt tijdens de militaire staatsgreep van 1979. “Het was geen militaire opstand”, aldus Roh, die meer dan 200 vragen moest beantwoorden. “We losten een nationale crisis op en waren vastbesloten om de natie te redden. Daarom werd ik tot president gekozen.” Naast muiterij wordt de twee oud-presidenten ook verraad ten laste gelegd naar aanleiding van het neerslaan in 1980 van een pro-democratiseringsopstand in de stad Kwangju. Volgens de officiële Zuidkoreaanse geschiedschrijving kwamen er bij het bloedbad in Kwangju ongeveer tweehonderd mensen om het leven. Volgens inwoners van de stad ligt het werkelijke aantal doden veel hoger. Inwoners van Kwangju gooiden gisteren eieren naar de voertuigen waarin de twee voormalige presidenten naar de rechtbank werden vervoerd en scandeerden de leuze 'Dood aan de moordenaars'. (AP)