Conflict rondom CAO Philips duurt nog voort

ROTTERDAM, 12 MAART.De onderhandelingen over een nieuwe CAO bij Philips zijn weer voorzichtig op gang gekomen. Philips-onderhandelaar A. de Haas heeft vanmorgen met de vier vakbonden gezamenlijk overleg gevoerd. Het overleg werd vanmiddag zonder concreet resultaat afgesloten. Tot vanmorgen leek het overleg tussen bonden en Philips nog muurvast te zitten. Aanleiding was de weigering van Philips eerder deze maand om verder te onderhandelen over de eis van de Industriebonden FNV en CNV voor een 36-urige werkweek.

Philips-onderhandelaar De Haas liet na afloop van het eerste gesprek weten alleen met de twee andere bonden, De Unie en de Vereniging van Hoger Philips Personeel (VHPP) verder te willen praten. Deze bonden eisen geen 36-urige werkweek.

De opstelling van Philips leidde vrijwel onmiddelijk tot een breuk in het vakbondsfront. De VHHP, die al eerder had laten weten weinig te zien in verdere arbeidsduurverkorting, besloot publiekelijk afstand te nemen van de andere bonden. De drie andere bonden lieten daarop weten vooralsnog één lijn te trekken ten opzichte van Philips. Hoewel De Unie niet om de 36-urige werkweek heeft gevraagd, staat de bond daar onder bepaalde voorwaarden niet afwijzend tegenover.

Ondanks het feit dat Philips had laten weten niet verder te willen praten over de invoering van een kortere werkweek kwamen vanmorgen alle vier de bonden opdagen voor de (al eerder afgesproken) tweede gespreksronde. De Industriebonden FNV en CNV wilden de afspraak gebruiken om Philips een brief aan te bieden waarin de visie van de bonden op de 36-urige werkweek nog eens uiteen wordt gezet. Volgens de bonden liggen hun standpunten genuanceerder dan Philips doet voorkomen: de bedoeling is niet om alle werknemers collectief een 36-urige werkweek te geven, maar om per lokatie te bekijken wat de mogelijkheden zijn.

De CAO-onderhandelingen voor de circa 44.000 werknemers van Philips in Nederland bevatten naast de arbeidsduurverkorting nog meer potentiële struikelblokken. Belangrijkste is de wens van Philips om het pensioensysteem drastisch te veranderen. In plaats van het huidige eindloonstelsel (waarbij het aanvullend pensioen gebaseerd wordt op het laatstverdiende loon) wil Philips een middelloonstelsel invoeren. Bij dit systeem wordt het pensioen afgestemd op hetgeen de werknemer gedurende zijn loopbaan heeft verdiend.

Naast de arbeidsduurverkorting hebben de Industriebonden FNV en CNV beide een looneis van drie procent op tafel gelegd. Ook De Unie wil de lonen met drie procent verhoogd zien. De VHPP eist voor het hoger personeel, dat bij Philips een eigen CAO heeft, een loonsverhoging van vier procent.