THE ECONOMIST

Voor een aantal Aziatische landen leidt het stormachtige economische succes tot onverwachte problemen, signaleert The Economist in een dossier over Azië. Grootste zijn de haperende infrastructuur en het gebrek aan gekwalificeerd personeel. Volgens de Wereldbank is de komende tien jaar ten minste 400 miljard dollar extra nodig om te voorzien in de explosief toegenomen Aziatische energiebehoefte. Ook aan managers is een steeds nijpender tekort. Het blad berekent dat alleen al de buitenlandse joint-ventures in China (80.000 ondernemingen) er een kwart miljoen kunnen gebruiken. De Chinese business schools leveren er jaarlijks ongeveer 300 af. Andere problemen zijn de stijgende loonkosten en - vooral voor de kapitaalkrachtige Chinese familiefirma's - de noodzaak van een moderne bedrijfsvoering.

Desondanks is The Economist ronduit optimistisch over de vooruitzichten voor Azië. Kritiek dat het economische wonder aldaar vooral te danken is aan de beschikbare grote hoeveelheden kapitaal en mankracht, en niet aan innovatief vermogen of efficiënte bedrijfsvoering, moet volgens het weekblad met ten minste een korrel zout worden genomen. Die kritiek doet er ook weinig toe. Volgens alle geraadpleegde deskundigen zullen de Aziatische economieën blijven groeien, zij het in een wat trager tempo en onder toenemende druk van de internationale concurrentie.