Prospero door de molen; Jeugdversie van Shakespeare's 'The Tempest'

Voorstelling: Een storm door Teneeter, vanaf 8 jaar. Tekst naar Shakespeare en regie: Dirk Opstaele. Spel: Agnes Bergmeijer, Rob Beumer, Koos Elfering e.a. Gezien: 9/3, Badhuis Nijmegen. Info: 024-3605028

De Shakespearekenner zij gewaarschuwd: het jeugdtheatergezelschap Teneeter speelt Een storm, niet De storm. Volgens eigen zeggen heeft de Vlaamse theatermaker Dirk Opstaele bij de grootmeester 'afgekeken'. Het verhaal blijft vrijwel intact en alle dramatis personae mogen meedoen, zij het onder nieuwe namen. Op een ver eiland neemt Professor Tournedos of Tournesol (Prospero) wraak op de machtsbeluste types die hem uit zijn hertogdom Milaan verdreven. Zijn toverkunst en het luchtspook Spock (Ariël) zaaien storm en verwarring. Van Shakespeares tekst is weinig heel gebleven, al eindigt het stuk met de graag geciteerde zinnen 'Wij zijn zulk spul waarmee men dromen maakt en ons kleine leven is omsingeld met een slaap.'

Van Opstaele haalde The tempest door de vleesmolen en kruidde het geheel nog extra met 'te zijn of niet te zijn' of 'een koninkrijk voor een glas water'. Voor de niet-geschoolde toeschouwer zijn eigentijdse smaakmakers toegevoegd: verwijzingen naar strips en de elektronische media, weinig verhulde seksuele toespelingen en toffe, modieus Engelse kreten als 'You name it, I've got it'.

Deze Storm is vooral een liefdesverklaring aan de magie van het theater. Prospero is niet de mild geworden man aan het eind van zijn carrière en zijn leven, maar een organiseerderig mannetje dat handen wrijvend in de weer is om zijn collega-verhaalfiguren en het publiek iets voor ogen te toveren. De kale speelvloer is meer dan gevuld met elf blootvoetse acteurs in diverse combinaties van tshirt en maatkostuum, soms bekroond met iets van karton op het hoofd. In een flitsende stortvloed van woorden roepen ze de plaats van handeling op, bevelen het licht aan en uit. Zo wordt het met veel gekraak, gesis en geweeklaag naspelen van de storm steeds weer uitgesteld, in afwachting van het moment dat de aandacht zal verslappen. Men 'doet' ook zelf de geluidsband. Klein, klein kleutertje, Ozewiezewozewiezewalla, of Alles in de wind bepalen gehumd, gescandeerd of gepompompomd de wisselende sferen.

Van Opstaele's aanpak is in zijn naïviteit en aanstekelijke theaterliefde verwant aan die van Rieks Swarte, maar waar Swarte graag wat aanknutselt in quasi-wanorde, creëert Van Opstaele een strak georganiseerde chaos. Zijn acteursgroep raast over de vloer als een storm van samengebalde energie, ritmisch, choreografisch, een waaier van beeld en geluid. Bij de voornamelijk associatieve voorstelling Vies Liesje (over scabreuze kinderliederen) vond ik dat beter werken dan hier, waar een behoorlijk ingewikkeld geschiedenis uit de doeken moet worden gedaan, die ook nog verpakt is in een nooit eindigende vloed van vaak volwassen woordgrappen. Desalniettemin werd er achter mij onophoudelijk gegiecheld en gegierd door hetzelfde jongetje dat bij de mededeling 'Wij veranderen jullie machtsdroom in een nachtmerrie hier/ die eindigt zoals de stukken van Shakespeare' goed hoorbaar informeerde wie die Shakespeare wel mocht wezen.