India uitzinnig na cricketzege op aartsrivaal

NEW DELHI, 11 MAART. Het leek zaterdagavond na de zwaar bevochten zege van het Indiase cricketteam op aartsrivaal Pakistan alsof heel India van pure vreugde uit elkaar zou spatten. Dolgelukkig staken overal in het land mensen urenlang vuurwerk af, een liefhebberij waarmee veel supporters in het volgepakte stadion (60.000 man) in Bangalore alvast waren begonnen in de slotfase van de wedstrijd in de kwartfinale van de strijd om de wereldbeker. Kleine kinderen holden opgewonden over straat onder het zingen van 'Weg met Pakistan! Leve India'.

Ook veel leden van de islamitische minderheid in India, die uit wraak voor hindoe-agressie tegen hen in het verleden nog wel eens wilden juichen over een Pakistaanse zege, waren ditmaal uitgelaten over de Indiase overwinning met 39 runs. “Het geeft niet of India tegen Timbuktu verliest”, aldus een enthousiaste moslim dichtbij de grote Jama Mashid-moskee in New Delhi tegenover Indian Express. “Maar India moet Pakistan verslaan.”

Pakistan miste in de grote wedstrijd zijn aanvoerder Wasim Akram door een blessure en die klap was te groot. India maakte 287 runs en de Pakistanen kwamen daarna niet verder dan 248. De bezoekers werden gedurende de gehele dag zeer vijandig bejegend door het publiek dat met fruit en lege flessen gooide. Een incident tussen de Indiase bowler Prasad en de Pakistaanse batsman Sohail werd door de scheidsrechter in de kiem gesmoord.

Terwijl India na afloop in een overwinningsroes verkeerde - 'India geeft Pakistan met de zweep', kopte het dagblad The Pioneer met koeien van letters - stortte voor de heersende wereldkampioen Pakistan een wereld ineen. Het hele land werd in rouw gedompeld. Her en der gingen mensen de straat op en schreeuwden leuzen tegen hun crickethelden. Een man in de zeer eergevoelige noordwestelijke grensprovincie schoot met een kalasjnikov zelfs eerst zijn televisie aan scherven en sloeg vervolgens de hand aan zichzelf.

De nederlaag dreunde ook na in de politieke arena. Premier Benazir Bhutto had vooraf nogal onvoorzichtig verklaard dat Pakistan de titel zeker zou behouden. Haar weinig populaire echtgenoot Asif Zardari, die verdacht wordt van corrupte praktijken, had de spelers ieder al een stuk land en een vette premie in het vooruitzicht gesteld als ze deden wat zijn vrouw van hen verwachtte. Haastig verklaarde een assistent van Bhutto, die zelf in het buitenland vertoeft, gisteren in het parlement dat de regering bereid was tot een onderzoek naar de oorzaken van de nederlaag. Er werd in cricketkringen geopperd dat de Pakistanen met opzet hadden verloren om zo geld uit weddenschappen te incasseren.

De vijanden van Bhutto grepen de nederlaag onmiddellijk aan om enkele rekeningen te vereffenen. Hoe zou Pakistan ook kunnen winnen, betoogde de fundamentalistische senator Qazi Hussain Ahmad, wanneer het allerlei liederlijke dans- en muziekprogramma's op de staatstelevisie uitzendt die het moreel van het land ondermijnden. Dat was gewoon vragen om Allah's wraak.

Een krant in het Urdu citeerde een geestelijke. “Geen volk dat een vrouw als zijn leider heeft aangesteld, is ooit tot bloei gekomen.” Daarbij ging hij gemakshalve voorbij aan het feit dat Sri Lanka, dat zowel een vrouwelijke president als premier heeft, slechts enkele uren daarvoor in de andere kwartfinale de vloer had aangeveegd met het slappe Engeland. Dat land is woensdag de tegenstander van India in de halve finale.

Ook de held van het Pakistaanse team dat in 1992 in Australië de wereldbeker won, Imran Khan, zal vermoedelijk in zijn vuistje hebben gelachen. Het moet Khan, die politieke ambities koestert en het al herhaaldelijk aan de stok heeft gehad met Bhutto, goed hebben gedaan dat Pakistan zonder hem lang niet zover kwam als vier jaar geleden. De gewezen cricketvedette hoedde zich er echter wel voor dat openlijk te zeggen op zo'n moment van nationale rouw.