GEORGE BURNS 1896-1996; Leeftijd als beroep

George Burns, de Amerikaanse komediant die zaterdag is overleden, heeft slechts één keer in zijn leven zijn verjaardag gemist: zijn honderdste, op 20 januari, moest zonder hem worden gevierd omdat hij was uitgegleden onder de douche. Hij was nog niet genoeg op krachten om er op zijn karakteristieke manier bij te zijn - met een fikse sigaar, een paar rake wisecracks en bij voorkeur aan elke arm een ranke jongedame. Na een decennialange carrière in variété, radio, televisie en film had hij van zijn hoge leeftijd immers zijn beroep gemaakt. “Ik blijf in de show business tot ik de enige ben die nog over is,” zei hij.

Zijn loopbaan omspant ruim negentig jaar. Op zijn zevende werkte Nathan Birnbaum, zoals zijn officiële naam luidde, al in het jiddische variété van de Lower East Side in New York. Hij zong, danste (desgewenst op rolschaatsen), speelde sketches en dresseerde dieren. Maar zijn draai vond hij pas, toen hij de comédienne Gracie Allen ontmoette. Ze trouwden en vormden een duo. Eerst was hij de komiek en zij de aangever, maar toen Burns merkte dat zij de lachers méér op haar hand had dan hij, draaide hij het om. Met zijn laconieke uitstraling was hij de ideale straight man naast haar burleske personage.

Na de dood van Gracie Allen, in 1964, leek het alsof ook George Burns was uitgeteld. Tien jaar later kreeg hij echter de rol te spelen van een nurkse, gepensioneerde komiek in de verfilming van de komedie The Sunshine Boys van Neil Simon, die door zijn neef wordt overgehaald nog één keer een sketch te spelen met zijn oude collega (Walter Matthau). Dat leverde hem, op zijn 78e, een Oscar op. Daarna speelde hij onder meer nog de titelrol in de luchtige film Oh, God, naast John Denver. “Acteren is een kwestie van eerlijkheid,” zei hij. “Als je dat kunt liegen, zit je goed.”

Sindsdien was George Burns, met zijn schijnbaar onwankelbare geloof in onsterfelijkheid, een graag geziene eregast op talloze gala's en in ontelbare shows. Dat het applaus langzamerhand vooral zijn leeftijd gold, leek hem niet te deren. Hij was een show-man - en zo lang hij applaus kreeg, was het goed.