Het lichaam als de zwakke schakel in de autosport

De veiligheidscommissie van de Formule I wilde de hoofden van de coureurs vastzetten in de wagens. De rijders verwierpen dit voorstel. Oud race-directeur John Corsmit over de veiligheid van circuits en wagens.

John Corsmit heeft sinds 1978 geen enkele Grand Prix in de Formule I gemist. Op één na, wegens ziekte, in 1982 of '83. De race in Melbourne van zondag, de eerste van het nieuwe seizoen, wordt de tweede. De 81-jarige Nederlander, die vorig jaar in functie zo'n 125.000 vliegkilometers maakte, heeft met het oog op zijn leeftijd afscheid genomen als official tijdens wedstrijden. Hij is nog wel voorzitter van de veiligheidscommissie van de FIA, de internationale autosportfederatie.

De voormalig officier-vlieger van de luchtmacht was zeventien jaar sportcommissaris en race-directeur. Hij zag er op toe dat de teams en rijders zich aan de regels hielden en deelde straffen uit bij overtreding. Hij dacht na over de veiligheid van circuits en wagens en voerde talloze inspecties uit.

Bent u bang dat er dit jaar ernstige ongelukken zullen gebeuren in de Formule I?

“Het laatste decennium heeft zich een enorme evolutie voltrokken in de veiligheid van de circuits en van de automobielen. Voor de dood van Senna en Ratzenberger in 1994 was er tien jaar geen zwaar ongeluk gebeurd, terwijl het daarvoor bijna elk jaar raak was.

“De circuits zijn nu zo aangepast dat het circuit niet meer de oorzaak kan zijn van een fataal ongeluk. Begin jaren zeventig zetten we op Zandvoort houten palen met kippenaas langs de bochten. In praktijk bleek dat rampzalig. Rijders kregen die palen tegen hun voorhoofd en de wielen trokken aan het gaas zodat de hele wagen werd ingekapseld. Tegenwoordig gaat aan elke maatregel uitgebreid wetenschappelijk onderzoek vooraf. Op plekken waar een frontale botsing mogelijk is, is de beste oplossing een lange en brede zandbak (geen zand maar gravel) en een stootkussen van banden.”

Wat is er de laatste jaren veranderd aan de auto's?

“Het belangrijkste is de overlevingscel rond de rijder. Die is vrijwel onverwoestbaar. Banden, vleugels, alles kan er af breken, maar de cel blijft heel. Als zo'n cel in gewone auto's zou zitten, zou het aantal verkeersdoden belangrijk dalen. Senna kreeg iets wat los was geschoten in zijn hoofd, anders was hij waarschijnlijk zonder schrammetje uit zijn wagen gestapt. Ratzenberger verongelukte omdat zijn hoofd en nek de klap niet konden verwerken. Het lichaam is de zwakke schakel. Dat kan de klap niet opvangen van een auto die van 300 kilometer per uur opeens tot stilstand komt. Dit jaar is de bescherming in de cockpit nog verder verbeterd door hogere zijwanden en ondersteuning van nek en hoofd. We wilden het liefst het hoofd vastzetten, maar dat wilden de rijders niet omdat ze dan minder zien.

“Er zijn ook veel regels om de snelheid van de auto's te beperken. Het probleem is dat de technische baasjes er steeds in slagen om, binnen de regels, nieuwe oplossingen te bedenken. We hebben de turbo eruit gegooid. We hebben de 3.5 liter vervangen door een moter van 3.0 liter, maar die gaat inmiddels harder dan de oude.

“Wel verboden zijn de skirts. Die zogen de wagen vast aan de weg, waardoor de snelheid in de bochten omhoog kon. Als dat vacuüm op de een of andere manier verbroken werd, schoot de auto als een vliegtuig de lucht in. Daar hielp geen zandbak tegen. Ook met andere regels hebben we de hoeveelheid downforce kunnen beperken.

“We volgen tegenwoordig alles wat er op de baan gebeurt elektronisch met de telemetric. We weten precies wie wanneer begon met remmen. We doen er alles aan om ongelukken te voorkomen, maar we kunnen niets doen tegen fouten van de rijders. Als die bijvoorbeeld met hun zijkanten tegen elkaar botsen, kan er nog steeds van alles misgaan.

“Veiligheid en risico zijn relatieve begrippen. Ik keek op het circuit met een groepje rijders naar een show van de Red Arrows, een stuntteam van de RAF. Die piloten zijn gek, mompelden de rijders. Later keek ik met de piloten naar de wedstrijd. Die coureurs zijn gek dat ze dit doen, zeiden de piloten.

“Het is een oud grapje, dat ik wel eens aan Nigel Mansell heb verteld. Coureurs hebben een schakelaar op hun achterhoofd. Als ze hun helm opzetten, gaat die schakelaar om, gaat hun blik op oneindig en drukken ze het gaspedaal in. Maar de coureurs zijn weldenkende mensen. In de briefings voor de wedstrijd komen ze regelmatig met opmerkingen over de veiligheid en suggesties over aanpassingen van het circuit.”

De Nederlandse coureur Jos Verstappen heeft een aantal crashes op zijn naam staan. Is hij onbesuisd?

“Hij laat zich soms verleiden meer te doen dan hij kan en dan nodig is. Hij moet rust bewaren, zijn hersens erbij houden. Een mooi voorbeeld is Aida in Japan. Hij kwam uit de pits. Hij lag vijfde, zijn positie werd niet bedreigd. Nieuwe banden moet je eventjes op temperatuur laten komen. Maar hij reed als een stier, op volle snelheid de eerste bocht in. Dus ging het mis en verloor hij de controle over de wagen.”

Hoe groot is zijn talent?

“Het kan een nadeel zijn dat hij uit Nederland komt. Om in de Formule I te kunnen slagen, gaat hem om twee dingen. Of ervaring in de Formule I. Of ervaring in een andere klasse en veel geld. Als Verstappen geen Nederlandse sponsors kan vinden die geld in hem willen investeren, zal hij het moeilijk krijgen. Hij had geluk dat hij in 1994 bij Benetton terecht kon. Dat hij niet zoveel races wist uit te rijden, was niet zo erg. Wat ze hem daar vooral kwalijk hebben genomen, is dat hij in Duitsland de wagen van Schumacher in de prak heeft gereden. Maar ik ben ervan overtuigd dat hij er komt. Hij heeft talent, hij rijdt strakke bochten. Hij is beter dan Eddie Irvine. En die zit bij Ferrari.”

Wat moet er gebeuren voordat er een Grand Prix gereden kan worden op Zandvoort?

“Eerst moet er een modern circuit komen. Kosten: ongeveer 30 miljoen gulden. Dat geld is er nog niet. Pas als zo'n circuit er ligt, wil Ecclestone praten. Maar in zijn programma passen geen twee Grand Prix in de Lage Landen. Zandvoort zal ook nog moeten wachten tot het contract met Franchorchamps afloopt.”