Duitsland en de VS botsen opnieuw over beleid Iran

BONN, 9 MAART. Tussen Duitsland en de VS is weer irritatie ontstaan over de verhouding jegens Iran. Hoewel de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Warren Christopher, Iran “ten diepste verwikkeld” acht in de moordaanslagen van de Palestijns-fundamentalistische Hamasbeweging in Israel van afgelopen zondag en maandag, acht de Duitse regering dat niet bewezen. Zolang dat zo is wil zij haar “kritische dialoog” met Teheran niet beëindigen. Zij meent dat zij daardoor, met Frankrijk, als enig Westelijk land althans enige invloed op Iran kan houden. Vorig jaar weigerde Bonn al, net als Parijs, mee te doen aan een door de VS afgekondigd handelsembargo jegens Teheran, zodat uiteindelijk de gehele EU dat weigerde.

Om zijn traditioneel redelijke betrekkingen met Iran te handhaven maar niet te veel spanningen met de VS en Israel te laten ontstaan heeft de Duitse regering deze week zowel intern als internationaal behoorlijk de diplomatieke spagaat moeten beoefenen. Regeringswoordvoerder Hausmann waarschuwde woensdag “alle staten” die Palestijnse extremisten steunen “dat zoiets niet zonder gevolgen blijft voor de betrekkingen met Duitsland”.

Het ministerie van buitenlandse zaken in Bonn nuanceerde die opmerking later woensdag met de mededeling dat men er daar “bezorgd” over was dat Iran de Hamas-aanslagen had toegejuicht als “de wraak van God”. De Süddeutsche Zeitung signaleerde donderdag dat het departement van minister Klaus Kinkel aan die verklaring had willen toevoegen dat Iraanse betrokkenheid bij de Hamas-aanslagen niet bewezen was, maar op de valreep daarvan had afgezien. Anders dan in andere Westelijke landen werd de Iraanse ambassadeur in Bonn niet op het matje geroepen.

Donderdag vertrok Kinkel “spontaan” voor een tweedaags bezoek aan Israel om, zoals het heette, blijk te geven van Duitse solidariteit met de joodse staat. Hij sprak met premier Shimon Peres, die hem vroeg er bij PLO-leider Arafat op aan te dringen om energieker tegen fundamentalistische terroristen op te treden. Dat deed Kinkel (bij een gesprek met Arafat in het Gaza-gebied), maar hij bleef er gisteren tegenover Peres bij dat Duitsland voor zijn relaties met Iran pas consequenties wil trekken als bewezen zou zijn dat dat land iets met de Hamas-aanslagen te maken heeft gehad.

Kinkel weet zich ook in Bonn in een mijnenveld. Na het applaus uit Teheran over de moord op de Israelische premier Rabin kwam hij bijna ten val doordat de Bondsdag zijn besluit veroordeelde om een Midden-Oostenconferentie in Bonn uit te stellen in plaats van zijn Iraanse collega Velayati van de lijst van genodigden te schrappen. Hoewel Kinkel toen geen steun van kanselier Kohl kreeg (“als u met aftreden dreigt zoek ik een vervanger”) deelt deze zijn opvatting over het belang van de Duits-Iraanse dialoog wél. Kohl zou af en toe telefoneren met president Rafsanjani die als gematigde kracht in het Iraanse theocratische regime wordt gezien.