Vroege Neruda

Pablo Neruda: Twintig liefdesgedichten en een wanhoopslied. Vert. Barber van de Pol, Uitg. Bert Bakker, 55 blz. Prijs ƒ 14,90

In 1924 publiceerde de toen twintigjarige Pablo Neruda zijn derde dichtbundel. Het jaar daarvoor had hij zich met Crepusculario al een plaats in de Chileense literatuur verworven, maar zijn Veinte poemas de amor y una canción desesperado gaven de opmaat tot literaire wereldroem. In uiterst subjectieve metaforen, boordevol associaties, verwoordde de jonge dichter de melancholie van de liefde. Hij deed dat in een taal van verlangen, eenzaamheid en bitterzoete herinnering die elke verliefde herkennen kan. De Veinte poemas werden dan ook wereldwijd vertaald.

Het zijn dezelfde gedichten die, anachronistisch, een rol spelen in Il postino, de film van Michael Radford over de brievenbesteller van Neruda tijdens diens ballingschap in Italië. Voor Uitgeverij Bert Bakker moet het succes van die film een extra aanleiding zijn geweest voor een Nederlandse editie van Twintig liefdesgedichten en een wanhoopslied, vertaald door Barber van de Pol.

In de Ambo Editie van Neruda's gedichten nam Van de Pol in 1993 al drie liefdesverzen op, waarvan twee in vertaling van Riekus Waskowsky. Vergelijking van diens tweetal met haar eigen Nederlandse versies maakt duidelijk hoezeer ze Neruda's grondtoon heeft aangehouden. Dat is de brede, lyrische toon van een poëzie die, volgens de jury van de Nobelprijs 1971, als een natuurkracht het lot en de dromen tot leven brengt. 'Mijn ruwe boerenlijf graaft in je en wekt / het kind diep in je aarde,' vertaalde Waskowsky. Bij Van de Pol wordt dat: 'Mijn ruige boerenlichaam spit je om / en doet het kind ontspringen uit het diepst der aarde.'

Bij nadere vergelijking blijkt Barber van de Pol een veel getrouwer en conciezer vertaler dan Waskowsky, en ook dan Ludo Abicht en W. Bossier, van wie in 1968 en 1972 Belgische uitgaven van Neruda's liefdesbundel verschenen. Waar mogelijk volgt Van de Pol het origineel naar de letter. Dat ze het soms al te dichterlijk maakt - zoals in 'wonde hond' voor 'perro herido' - sluit niet uit dat met Twintig liefdesgedichten en een wanhoopslied ook Nederlandse lezers eindelijk een betrouwbare versie hebben van dit, nog niet door volksretoriek aangeknaagde, vroege werk van Neruda.