Hollandia verliest van Cortázar

Voorstelling: Wat ik graag zou zijn als ik niet was wat ik ben, naar Julio Cortázar door Theatergroep Hollandia. Bewerking: Benjamin Verdonck; regie: Johan Simons; spelers: Benjamin Verdonck en Pieter De Buysser. Theater Bisch, Den Bosch 9/3; Theater Kikker, Utrecht 14,15/3.

In mijn herinnering is Freek de Jonge ermee begonnen: frontaal naar het publiek spelen, de toeschouwers rechtstreeks aanspreken en hen zo dwingen tot luisteren. Het acteren als een soort spiegelgevecht.

Toneelspeler en tekstschrijver Benjamin Verdonck neemt deze vorm over voor zijn voorstelling Wat ik graag zou zijn als ik niet was wat ik ben. Hij liet zich inspireren door de Argentijnse schrijver Julio Cortázar. Inspireren is een te groot woord. Hij spitte Cortázars boek Rayuela - een hinkelspel door en componeerde op basis van fragmenten hieruit een toneelstuk. Cortazár schrijft fantasierijk, absurd, poëtisch en filosofisch proza, met schitterende beelden waardoor je anders tegen de wereld aankijkt. Een zin als deze vergeet ik niet gauw: “Waarom kleedt een boom zich in de zomer warm aan?”

Ter illustratie hiervan hangt links op het toneel een kale boom; rechts staat een stoel. Dat zijn de enige rekwisieten. Er is ook nog een andere acteur, maar die staat tijdens de voorstelling wat leeg voor zich uit te kijken. Af en toe verwringt hij zijn gezicht tot een grimas.

Kan filosofie tot theater leiden? De inzet van Benjamin Verdonck is hoog. De voorstelling, die een zoektocht door de menselijke geest is, moet antwoord geven op het wezen van beweging en stilstand, vrijheid en gebondenheid; we komen de Kantiaanse categorieën van hoogte, breedte en diepte tegen; Einstein doet mee met zijn ontdekking van de 'eeuwige tijdelijkheid' van onze tijdservaring.

Antwoorden kreeg ik niet, des te meer raadsels en vragen. Hoe filosofischer namelijk de tekst, hoe ondoorgrondelijker de voorstelling. Wie proza, en zeker het zeer nadrukkelijke lees-proza van Cortázar, op het podium wil brengen, moet noodgedwongen een vorm vinden. Hiermee teken je het doodvonnis. Want de teksten vragen om stille toewijding, de rijkdom van de eigen associatie. De voordracht op hoog tempo van Verdonck ontneemt je dit alles. Er is de acteur die met drukte en gestiek alle aandacht opeist. Zijn vertoog bestaat uit woorden, niet uit drama. Soms vallen acteur en tekst samen. Bij voorbeeld wanneer hij vertelt over twee gelieven die, hoewel ze de hele dag samen hebben doorgebracht, dicht naast elkaar slapen en zelfs hetzelfde sterrebeeld hebben, toch zo heel verschillend dromen. Hier spreekt Cortázars paniek over de onmogelijkheid van twee zielen om voorgoed één te worden.