Hervormde wil kerk voor zichzelf houden

Het synodebestuur van de Hervormde Kerk is er niet in geslaagd een ruzie over het beheer van kerkgebouwen en andere kerkelijke eigendommen tot een goede oplossing te brengen. Dat bleek gistermiddag in Doorn na een gesprek van het synodebestuur met 95 oppositionele predikanten die niet onder het juk van een nieuw beheersregeling willen doorgaan.

“We zijn geen millimeter tot elkaar gekomen”, zei dominee W. op 't Hof uit het Gelderse Nederhemert, die optrad als woordvoerder van de oppositiegroep van predikanten. “Misschien is de enige winst dat het nu duidelijk is waar het ons om gaat.” Niet om de vraag hoe kerkelijke goederen moeten worden beheerd, maar om het samengaan van de Hervormde Kerk met de Gereformeerde Kerken en de Lutherse Kerk, het zogeheten Samen op Weg-proces. Uit onvrede daarover hebben al ongeveer twintig hervormde gemeenten hun bezit ondergebracht in zelfstandige stichtingen zodat van gemeenschappelijk gebruik met andere kerken geen sprake kan zijn.

Tegenover de opvatting van Op 't Hof en zijn geestelijke broeders, stelde synodevoorzitter dominee W. Beekman dat de Hervormde Kerk bij vereniging met andere kerken beslist niet verloren gaat. Ook na de voorgenomen fusie van de drie kerkgenootschappen blijft de Hervormde Kerk bestaan, aldus Beekman, die tevreden was over de toon van het gesprek met de opposanten. Werd de synode kortgeleden in een Veluws kerkblad nog voor “trouweloze hoer” uitgemaakt, nu werd er van de kant van de bezwaarden over de synode als “onze moeder” gesproken. “Het was een goed gesprek, waarin we het grondig met elkaar oneens waren”, aldus de synodevoorzitter, die opmerkte dat beide partijen elkaar wel herkend hadden als kinderen van hetzelfde gezin.

Vijf jaar geleden bestonden er wat kerkgebouwen, predikantswoningen en dergelijke betreft nog drie vormen voor het beheer. Om tot grotere eenheid en duidelijkheid te komen, besliste de synode echter in 1991 dat nog maar één beheersvorm zou zijn toegestaan. De eenheid van beheer werd onder meer nodig gevonden omdat vaak niet duidelijk is of kerkgebouwen eigendom zijn van de landelijke Hervormde Kerk of van een plaatselijke kerkgemeente.

Per 1 januari 1996 zou de regeling voor alle 1364 gemeenten van kracht worden. Ruim zeventig gemeenten lagen dwars en bleven zich verzetten. In november vorig jaar werden ze echter door de rechtbank in Den Haag in het ongelijk gesteld. Daarop wilde het synodebureau in Leidschendam de regeling definitief van toepassing laten worden en niet wachten op de uitslag van beroep dat tegen de uitspraak van de rechtbank zou kunnen worden ingesteld.

Vooral over dit niet-willen-wachten leek de groep van 95 hervormde predikanten (vijf procent van de bijna achttienhonderd dominees) bijzonder boos te zijn. Volgens hen heeft de mogelijkheid van hoger beroep tegen een rechterlijke uitspraak opschortende werking en had Leidschendam de invoering van de beheersregeling nog wel enige tijd kunnen uitstellen. Met uiterste droefheid constateerden de 95 voorgangers die gistermiddag overleg met het synodebestuur voerden, dat het synodebestuuur hen met alle middelen (geweld, intimidatie en gewetensdwang) onder het juk van de nieuwe regeling probeert te krijgen. Nog hopen zij dat “het christelijk geweten en het gezond verstand” het bij het synodebestuur winnen en dat de protesterende gemeenten niet afgeschreven worden.

“Wilt u ons niet langer? Zegt het dan eerlijk, maar gaat niet met oneerlijkheid, intimidatie en dwang te werk om ons het leven binnen onze Kerk onmogelijk te maken. Weest dan christelijk of in elk geval menselijk door op een waardige manier van ons afscheid te nemen.” Zelf willen de opponenten de band niet verbreken. “Bewust aansturen op een breuk onzerzijds of op afscheiding is ons een gruwel. De Heere heeft ons in deze Kerk geplaatst. Wij zullen daar niet en nooit uitstappen. Zelfs al zou u ons uit het hervormde huis zetten, dan nog zullen wij met hart daar blijven.”