Doping in de hostie

Julio Llinás & Fernando Niembro: Onschuldig. Uit het Spaans vertaald door Arie van der Wal. Uitg. Meulenhoff, 207 blz. Prijs ƒ 34,90

Colombia was in 1994 een van de grote favorieten voor het wereldkampioenschap voetbal dat in de Verenigde Staten werd gehouden. Diego Maradona wilde toen op 33-jarige leeftijd nog één keer schitteren en het Argentijnse elftal de titel bezorgen. Maar Colombia werd in de eerste ronde al uitgeschakeld en Maradona werd na de tweede wedstrijd, tegen Nigeria, op dopinggebruik betrapt en moest het toernooi verlaten.

Wie Colombia toen zag voetballen, moest vaststellen dat de Colombianen 'duizelig van succes' waren en er daarom weinig van bakten. En wie Maradona na zijn doelpunt in de eerste wedstrijd tegen Griekenland naar de dichtstbijzijnde tv-camera had zien sprinten om vervolgens ten overstaan van de hele wereld langdurig als een krankzinnige te staan brullen, was niet verbaasd over zijn dopinggebruik.

Maar de Argentijnen Julio Llinás en Fernando Niembro zien het in hun roman Onschuldig anders. Colombia mócht geen wereldkampioen worden in de Verenigde Staten, omdat het land vooral bekend was wegens de cocaïne en drugssyndicaten en Maradona mócht niet uitgroeien tot de ster van het toernooi, omdat hij zich eens bewonderend had uitgelaten over Fidel Castro, de Cubaanse dictator en een van de laatste grote vijanden van de Verenigde Staten. Dus wordt de wonderdokter van het Colombiaanse team door de CIA omgekocht om de benen van de spelers met een spierverslappend middeltje in te smeren, terwijl de homoseksuele CIA-agent Kennedy ervoor zorgt dat Maradona vlak voor de wedstrijd tegen Nigeria een hostie met stimulerende middelen krijgt toegediend.

De theorieën van de journalist en 'Maradona-kenner' Niembro en 'het enfant terrible van het Argentijnse literaire leven' Julio Llinás over de uitschakeling van Colombia en Maradona zijn clichématig, lachwekkend en onaannemelijk. Ze presenteren Onschuldig dan ook uitdrukkelijk als 'roman', zodat zij zich altijd kunnen verschuilen achter het fictionele karakter ervan. Hoe serieus zijn de twee Argentijnen nu, blijft de grote vraag na lezing van Onschuldig? Als ze hun complottheorieën als waarheid bedoelen, dan schieten ze door alle verzonnen dialogen en handelingen van CIA-figuren tekort in hun bewijsvoering. En als ze alleen maar een spannend boek wilden schrijven, hebben ze als schrijvers van een 'ingenieuze, komische literaire thriller' broddelwerk afgeleverd. Want spannend is het boek nooit: de uitkomst van het complot staat al vantevoren vast en de wijze waarop Colombia en Maradona zullen worden geëlimineerd is al halverwege het boek duidelijk.

Moet Onschuldig dan misschien worden gelezen om de superieure stijl? Nee, helaas, ook al niet. Het is een hybride boek waaraan valt af te lezen wie van de auteurs welk deel heeft geschreven. De journalist Niembro nam ongetwijfeld de feitelijke en ook wat saaie verhandelingen over de intriges binnen de Colombiaanse en Argentijnse elftallen voor zijn rekening, terwijl de dichter Llinás vast en zeker heeft gezorgd voor de ronkende passages over voetbal en de gefingeerde dialogen van de CIA-ers.