Botervloot voor een prinses; Kunst kijken en kunst maken op de Tefaf

Tefaf Youth Centre, Maastricht. 9 t/m 16 maart. 11-18u.

De rijke admiraal Diederick Duiver gaf zijn vrouw in 1740 een bijzonder cadeau voor haar verjaardag. Helemaal in China bestelde hij een porseleinen beeldje dat precies op haar moest lijken. Zulk duur, fijn aardewerk met zo'n mooie glans had nog bijna niemand in Nederland gezien. Porselein was een geheim uit China, hier wist niemand hoe je het moest maken.

Duiver gaf een tekening van zijn vrouw aan een schip mee. Toen het beeldje eindelijk kwam bleek dat het wel dezelfde kleren aan had als zijn vrouw, maar dat het een heel ander gezicht had. Het had gekke ogen, net streepjes. De kunstenaar in China vond juist de kleren gek en de ogen heel gewoon. Na een tijdje waren de Duivers toch blij met het beeldje. Aan de ogen kon je goed zien van hoe ver het kwam.

Wat hierboven staat zou waar kunnen zijn. Maar meneer en mevrouw Duiver zijn al twee eeuwen dood en wie ze precies waren weet niemand. Het beeldje is er nog: het is volgende week voor veel geld (ƒ 130.000) te koop op de Tefaf, de internationale kunst- en antiekbeurs in Maastricht. Daar verkopen 160 kunsthandelaren uit de hele wereld schilderijen, beelden, boeken, sieraden en nog veel meer. De mensen die de kunst willen kopen komen ook overal vandaan, sommigen met hun eigen vliegtuig en anderen gewoon met de trein. Een keuringscommissie let op of ze geen vervalsingen kopen.

Gelukkig zijn de meeste dingen echt oud (en duur). Over alles is wel een verhaal te verzinnen. Er zijn wandtapijten te koop die lijken op een raam met uitzicht op een mooie tuin. Ook zijn er veel prinsessespullen te koop. Wie anders dan een prinses lag met een poepluier op zo'n deftige commode of smeerde boter uit zo'n mooi beschilderde botervloot?

“Ik vind het geweldig om dat soort vragen te bedenken en er een antwoord op te zoeken”, zegt Hélène Hofhuis. Ze is nu 29, maar ging toen ze zes was al vaak naar musea. Op de Tefaf, die zo groot is als 200 klaslokalen, heeft zij de enige ruimte waar geen kunst verkocht wordt: “Hier kijken we naar kunst, en praten erover. Of we maken het zelf.” Er mogen alleen kinderen komen, van 8 tot 18 jaar. “Volwassenen doen vaak zo deftig over kunst, of ze denken alleen aan geld. Kinderen doen gelukkig niet zo moeilijk”, zegt Hofhuis

Hofhuis en de andere medewerkers van het Youth Centre (Engels voor 'jeugdcentrum') laten dia's zien van schilderijen die te koop zijn op de beurs. Sommige zijn net plaatjes in een boek (bijvoorbeeld een wei vol koeien van de schilder Potter), anderen staan vol vlekken, kleuren en vreemde vormen. Dan kun je zelf bedenken wat het voorstelt.

Met de acht computers in het Youth Centre kun je nog veel meer schilderijen zien. Als je van paarden houdt, kun je met een cd-rom alle schilderijen van paarden oproepen. Of je kunt opzoeken of er in Europese musea nog meer Chinese porseleinen poppetjes zijn.

Wie genoeg heeft van al dat kijken naar kunst, kan zelf gaan tekenen. In de knutselhoek, het atelier zoals echte schilders het noemen, kun je ook een leuk spel doen. Iemand bekijkt een schilderij en vertelt wat hij ziet. Iemand anders, die het schilderij niet mag zien, tekent wat de ander vertelt. Na afloop lijken het echte schilderij en de nieuwe tekening misschien helemaal niet op elkaar. Maar als het wel lijkt kun je het nepkunstwerk aan de muur hangen. Misschien ziet de keuringscommissie dan niet dat het niet echt is en koopt een rijke kunstverzamelaar het. En misschien verdien je dan genoeg om het Chinese poppetje in haar Hollandse kleren te kopen.