Nieuw type röntgenknipperbol in het melkwegstelsel

In het heelal bevinden zich objecten die in enkele seconden méér energie - op zeer korte golflengten - uitzenden dan de zon in een dag. Deze zogeheten bursters kunnen in twee typen worden onderscheiden: bronnen die éénmaal een stoot straling produceren en bronnen die af en toe zo'n stoot produceren. Van het eerste type zijn er al duizenden bekend, maar hun ware aard is nog een raadsel. Van het tweede type zijn er drie bekend en van hen vermoedt men dat het neutronensterren zijn: sterretje van zo'n 20 kilometer diameter met een bijzonder sterk gravitatieveld. Nu is een derde type ontdekt dat wat zijn flitsgedrag betreft hier ergens tussenin zit.

Het object werd ontdekt met behulp van het Compton Gamma Ray Observatory: een satelliet voor het bestuderen van bronnen in het heelal die gamma- en 'harde' (kortgolvige) röntgenstraling uitzenden. Deze satelliet registreerde op 2 december uit de richting van het melkwegcentrum pulsen röntgenstraling die enkele tientallen seconden duurden en elkaar zo om de drie minuten opvolgden. Twee dagen later was de frequentie afgenomen tot één puls per uur en daar is tot nu toe niet veel verandering in gekomen (Nature 379, p. 775).

De opeenvolgende flitsen van de mysterieuze röntgenknipperbol lijken opmerkelijk veel op elkaar. Ze verschillen echter zowel van de bronnen die slechts éénmalig een puls energierijke straling produceren als van de drie bronnen die heel af en toe zo'n puls het heelal in zenden. De pulsbron lijkt wel wat op de in 1976 ontdekte Rapid Burster: een röntgenbron waarbij de pulsen elkaar zo om de 7 seconden opvolgen en waarvan de ware aard ook nog niet is opgehelderd.

De onderzoekers suggereren dat de oorzaak van het nu ontdekte type röntgenknipperbol het periodiek neerstorten van bellen gas op een neutronenster is. Dit gas zou afkomstig zijn van een ster die op zo'n korte afstand rond de neutronenster draait dat hij door de neutronenster wordt 'leegezogen'. Het gas hoopt zich eerst op in een schijf rond de neutronenster en valt van daaruit in vlagen naar zijn oppervlak toe. Het wordt dan zó versneld en verhit dat het röntgenstraling uitzendt. Mogelijk fungeert het zeer sterke magnetische veld van de neutronenster als een soort 'sluis', die alleen bij het bereiken van een bepaalde kritische druk gas doorlaat.

Dit mechanime werd enkele jaren geleden ook voorgesteld ter verklaring van het gedrag van de Rapid Burster, hoewel die 'zachtere' röntgenstraling uitzendt. Begin dit jaar werd op de positie van de mysterieuze bron een pulsar ontdekt die deel uitmaakt van een dubbelstersysteem. Dat versterkt de nu gegeven verklaring, maar daarmee is nog niet de vraag beantwoord waarom de flitsen zo verschillen van die van de Rapid Burster. De mysterieuze bron wordt nauwlettend in de gaten gehouden.