Februaristaking

Het is bekend dat de Februaristaking een daad van solidariteit was met de joden en gericht was tegen de misdaden die de nazi's begingen tegen de joodse bevolking. Wij weten ook dat de stakers te zwak waren om de nazi-moordenaars te beletten om negentig procent van de joodse bevolking van Nederland te vermoorden.

Om deze nobele en heldhaftige stakers en de joodse medeburgers die niet gered konden worden te gedenken, vindt elk jaar op 25 februari een herdenking plaats, ook om te beletten dat zo iets zich zal herhalen, ook tegen andere bevolkingsgroepen. Dit heb ik altijd als de logische uitleg van deze herdenking beschouwd.

Burgemeester Patijn van Amsterdam zaaide na afloop van de herdenking, in een vraaggesprek op televisie, echter verwarring in mijn gedachten. Patijn veroordeelde niet alleen de tragische gebeurtenissen van toen, vijfenvijftig jaar geleden, maar sprak ook over discriminatie en mensenhaat nu. Hij betreurde de vreemdelingenhaat, die geuit was tijdens een demonstratie in Zwolle en hij betreurde de recente busaanslagen in Israel.

Helaas repte hij met geen woord over de demonstratie in Den Haag, waar een grote groep van ruim duizend moslims scandeerde: “Dood aan Israel, dood aan Peres, dood aan de zionisten”. De slogans waren erger dan in Zwolle! Mijn vraag is: hoe is het mogelijk dat de burgemeester van de stad waar de Februaristaking plaatsvond het niet noodzakelijk vond deze gevaarlijke demonstratie, waar opgeroepen werd om joden te vermoorden, te veroordelen, niet tijdens de herdenking en ook niet daarna?

Men kan zich ook afvragen waarom het Openbaar Ministerie en de politie deze bedreigende slogans niet discriminerend genoeg vonden, maar het wel nodig achtte op te treden tegen opgeplakte Israelische vlaggetjes.

Door het feit dat de haatdragende demonstratie tegen joden in Den Haag geen aandacht kreeg (ook in de media nauwelijks) en zelfs niet bij de herdenking van de Februaristaking, bekruipt mij een gevoel van onbehagen: misschien heeft de herdenking haar oorspronkelijke betekenis verloren en wordt deze meer en meer vervangen door andere ideeën, die met de jodenvervolging tijdens de Duitse bezetting niets meer te maken hebben. Dan zou men de naam en de herdenkingsdatum ook maar moeten wijzigen.