De dammenbouwers van de PvdA

Het gaat de komende maanden dus weer ouderwets over de koopkracht. CPB-berekening hier, compensatie-voorstel daar, nieuwe CPB-berekening, nieuw compensatie-voorstel waar ook alvast wordt geanticpeerd op de jongste tegenvaller die vervolgens weer gedeeltelijk kan worden weggestreept tegen een meevaller elders. En zo kunnen ministers in Nederland elkaar maandenlang bezighouden.

Het gaat allemaal over de begroting van 1997, maar het mechanisme waardoor betrokken politici en ambtenaren (en de pers niet te vergeten) langer dan een half jaar in opperste staat van opwinding zijn over wat er op Prinsjesdag moet worden gepresenteerd, is onuitroeibaar. Minister-president Kok stelde onlangs zelfs tevreden vast dat ook ten aanzien van dit aspect sprake was van een steeds gewoner kabinet. Nu het economisch allemaal ietsje minder florissant liep, moest er ook in het kabinet meer gestreden worden om de guldens.

Onbelangrijk is het natuurlijk ook niet. Politiek in Nederland draait nu eenmaal louter om geld en de verdeling ervan. De politicus die iets oppert zonder dekkingsvoorstel, dan wel 'financieringsplaatje' komt in Den Haag niet ver. Maar tevens is er het gegeven dat bijna niets zo beweeglijk is als de inkomsten -en uitgavenkant van de begroting. Temeer als daar ook nog posten als sociale zekerheid en volksgezondheid bij worden betrokken. Echte besluiten over de begroting voor het nieuwe jaar kan een kabinet pas enigszins gefundeerd nemen in de zomer, enkele weken voor Prinsjesdag.

Maar als het nieuwe jaar feitelijk is begonnen zal blijken hoe relatief ook de meest actuele sommen uit de begroting voor dat jaar zijn. Geen nood, want dat is dan het alibi voor politici om zich bezig te houden met reparatievoorstellen om de in die begroting gedane beloften na te komen. Vandaar dat per 1 maart alle uitkeringsbedragen wederom zijn veranderd. Daarmee was de twaalf-maanden cyclus voltooid: de voorbereidende besprekingen voor de begroting voor 1996 begonnen vorig jaar maart en de laatste daarmee verband houdende maatregel werd een week geleden getroffen. Met de jongste vooruitzichten van het CPB voor 1997 en de eerste besprekingen in het kabinet daarover kan het circus weer van voren af aan beginnen.

De PvdA-fractie trok reeds vorige week bij monde van het Kamerlid Van Zijl de streep. “Voor ons is de grens bereikt”, meldde hij krijgshaftig in het dagblad Trouw. De minima mochten er niet verder op achteruit gaan. “PvdA zet kabinet klem”, concludeerde de krant prominent op de voorpagina. Maar was het dan de bedoeling van het kabinet om de laagstbetaalden er volgend jaar in koopkracht op achteruit te laten gaan? Er was nog geen enkele aanwijzing in die richting. Integendeel. Hadden minister-president Kok en minister Melkert van Sociale Zaken niet al laten weten dat de koppeling tussen lonen en uitkeringen naar alle waarschijnlijkheid ook volgend jaar kan worden toegepast?

De opmerkingen van Van Zijl zijn dan ook meer te vergelijken met de man die in de brandende zon eist dat de zon schijnt. Een dergelijk verschijnsel heet in de politiek overwinningsstrategie. Politici zijn ware meesters in het opeisen van punten die ze reeds lang binnen hebben. Goed voor het profiel en het kost niets. De opgeleefde belangstelling van de PvdA-fractie voor de minima valt eveneens onder de noemer overwinningstrategie. Een voorwaarde is wel dat er ook mensen zijn die het tegendeel willen. Maar tot overmaat van ramp (althans voor de naar een sociaal gezicht snakkende PvdA) zei deze week de eerste VVD-minister in het kabinet, vice-premier Dijkstal in een vraaggesprek met deze krant, dat ook hij vindt dat de minima er niet verder op achteruit mochten gaan. Arme PvdA, soms kan adhesie ook te vroeg worden betuigd.

De gang van zaken is een nieuwe illustratie van de troosteloze positie waarin de PvdA verkeert. Net als in het vorige kabinet, toen met het CDA werd geregeerd, heeft de partij zich weer in een volledig defensieve positie gemanoeuvreerd. De PvdA blijft daarmee het beeld uitstralen van een partij die niet veel verder komt dan het opwerpen van dammen. Vanzelfsprekend moet de partij vanuit haar beginselen oog hebben voor de zwakkeren in de samenleving. Maar als de boodschap tot die groep beperkt blijft en het voorgestelde beleid niet veel verder komt dan grenzen trekken, zal het laatste leven snel uit de partij wegtrekken.

Het congres dat de PvdA vorige maand in Zwolle hield, was bedoeld om de vernieuwing, die voorzitter Rottenberg sinds zijn aantreden in gang had gezet, inhoudelijk gestalte te geven. Maar het netto-resultaat van die bijeenkomst was dat de PvdA-fractie in de Tweede Kamer van remparachutes werd voorzien. Maar wat moet je ook als congres wanneer de vice-voorzitter van de fractie, Adelmund, in haar opsomming van wapenfeiten niet veel verder komt dan het opsommen van zaken die men heeft tegengehouden? Dankzij de PvdA was toch maar bereikt dat hoogte en duur van de uitkeringen onaangetast bleven. Hoezo onaangetast, zullen weduwen en weduwnaars die te maken krijgen met de nieuwe nabestaandenwet zich afvragen. Hoezo onaangetast, zullen veel alleenstaanden met een bijstandsuitkering die te maken krijgen met de strengere gemeentelijke normen, zich afvragen. Maar los daarvan had het verhaal van Adelmund weer alle trekken van het creëren van een vijandbeeld. De VVD die de sociale zekerheid wil afbreken en de PvdA die daar met succes een dam tegen opgewerpt. Als dat al zo is, de PvdA hoefde in 1994 toch niet per se met de VVD te regeren?

Er is toen echter bewust voor samenwerking met de liberalen gekozen vanuit het idee dat verstarde structuren en opvattingen zouden kunnen worden doorbroken. VVD-leider Bolkestein is daar op zijn manier hard mee bezig. De PvdA komt echter niet verder dan besmuikt reageren. Maar wat heeft de PvdA nog meer te bieden dan opkomen voor de minima?

Het waren de jongerenorganisaties van PvdA, VVD en D66 die in 1992 een ontwerp-regeerakkoord schreven en daarmee ook de uitvinders van het begrip 'paars' werden. Naar aanleiding van die exercitie schreef de toenmalige voorzitter van de Jonge Socialisten, Mark de Koning, in het blad Socialisme & Democratie: “Met paars zal het in de PvdA weer echt gaan bewegen en gaan dansen”. Bewegen doet de PvdA: in benedenwaartse richting. En wat de dans betreft: het blijft toch die nu al jaren durende dodendans.