Borst staat experiment toe; Meer hulp in de fysiotherapie wordt vergoed

AMSTERDAM, 7 MAART. Het Amsterdamse ziekenfonds ZAO Zorgverzekeringen mag van minister Borst (Volksgezondheid) afwijken van de wettelijke maatregel voor fysiotherapie. Dit is gisteren bevestigd door een woordvoerder van het ministerie van VWS.

ZAO Zorgverzekeringen gaat, voorlopig als enige verzekeraar, vanaf 1 april of 1 mei twee jaar experimenteren met een zogeheten 'dienstenmodel'. Dit betekent dat zowel fysiotherapeuten als oefentherapeuten Cesar / Mensendieck niet langer zijn gebonden aan een maximum aantal behandelingen. Voortaan kunnen de Amsterdamse therapeuten door middel van het 'dienstenmodel' bepalen wat het aantal noodzakelijke behandelingen voor een patiënt zal zijn.

Het door de zorgverzekeraar in samenwerking met de hoofdstedelijke paramedici ontwikkelde model houdt in dat wanneer een patiënt zich meldt bij de fysiotherapeut deze zeven 'diensten' tot zijn beschikking heeft, variërend van een eenmalig advies tot een intensieve behandeling. Dat betekent dat iemand met chronische rugklachten niet telkens opnieuw een behandelcyclus hoeft te ondergaan, maar genoeg kan hebben aan een korte begeleiding of bijvoorbeeld al geholpen is met een advies. Maar het betekent ook dat een sportman met nieuwe kruisbanden in zijn knie langer dan de nu voorgestelde periode (drie maanden) fysiotherapie-begeleiding kan krijgen.

ZAO moet wel voldoen aan de door de minister opgelegde bezuiniging. “We zullen ons aandeel leveren maar tegelijkertijd het dienstenmodel invoeren. De meerkosten zullen we verhalen op de aanvullende verzekering”, legt ZAO-woordvoerder Y. Kappers uit. “Maar meer dan 90 procent van de verzekerden heeft dat aanvullende pakket, dus de verzekerde is niet de dupe. In het aanvullende pakket zit dan een ongelimiteerd aantal behandelingen terwijl de meeste verzekeraars in het aanvullende pakket een limiet stellen.”

Sinds 1 januari is het aantal door verzekeringen te vergoeden behandelingen voor fysiotherapie in de wettelijke maatregel beperkt tot een maximum van negen per jaar per indicatie. Voor chronisch zieken blijft het aantal te vergoeden behandelingen onbeperkt. De beperking van de vergoeding voor fysiotherapie moet een besparing van tweehonderd miljoen gulden opleveren. De maatregel maakt deel uit van een bezuiniging van negenhonderd miljoen die het kabinet wil doorvoeren in de gezondheidszorg.

De fysiotherapeuten verzetten zich sinds juni tegen de maatregel omdat volgens hen de toegankelijkheid van de fysiotherapie in het geding is. De grief van de fysiotherapeuten betreft vooral het feit dat de maatregel is genomen “vanuit louter financiële overwegingen”. Bovendien gaat de minister volgens hen voorbij aan de eigen deskundigheid van de fysiotherapeut.

De ziekenfondsen krijgen van minister Borst per 1 juli meer ruimte te bepalen welke zorg ze aan verzekerden aanbieden. ZAO kreeg die ruimte nu al omdat Borst hoopt dat dit dienstenmodel in de toekomst wellicht breder gebruikt kan worden.