Welke vierjarige kleuters niet schoolgaan, weet niemand; 'Leerplicht verlagen is overbodig'

Drie procent van de kleuters gaat pas op vijfjarige leeftijd naar school zegt staatssecretaris Netelenbos. Uit vrees dat deze kleuters leerachterstand oplopen, overweegt ze de leerplicht te verlagen naar vier jaar.

DEN BOSCH, 6 MAART. Meer dan drie jaar geleden kwam op basisschool de Aastroom in Den Bosch een kind op zijn vijfde jaar voor het eerst op school. “Dat was een uitzondering”, herinnert adjunct-directeur N. van de Boor zich. “Alle kinderen komen zo gauw ze vier jaar zijn. Dit kind was Jehovagetuige. Naar het waarom heb ik nooit gevraagd, mischien hadden zijn ouders een religieuze reden.” Directeur M. Aarts van de naburige Mgr. Bekkerschool heeft het nog nooit meegemaakt dat kind met vijf jaar kwam. En ook op de nabij gelegen Gandalfschool komen alle kinderen op hun vierde jaar naar school.

Drie procent van de kleuters gaat pas met vijf jaar naar school, zegt staatssecretaris Netelenbos (Onderwijs). Uit vrees dat deze kleuters leerachterstand oplopen overweegt ze de leerplichtige leeftijd te verlagen van vijf naar vier jaar. Tegelijkertijd wordt het daarmee onmogelijk een vierjarige kleuter halve dagen naar school te sturen of thuis te houden. Netelenbos opperde haar plan vorige week bij de installatie van een commissie die gaat onderzoeken hoe leerachterstanden van kleuters zijn te toetsen. Daardoor was de suggestie snel gewekt dat het kinderen uit kwetsbare groepen zijn, die door hun ouders langer thuis worden gehouden.

Maar een rondgang langs scholen leert dat zo'n verband met afkomst niet te leggen is. Sterker nog: geen enkele instantie houdt nauwkeurig bij hoeveel vierjarigen niet schoolgaan, laat staan dat ze weten wat de motieven zijn en om welke kleuters het gaat en Woordvoerders van het ministerie van Onderwijs en de Onderwijsinspectie weten niet waar Netelenbos het getal van drie procent op baseert. Het Centraal Bureau voor Statistiek schat dat het percentage vierjarigen dat niet naar school gaat eerder rond de twee dan drie procent schommelt.

Ook waarnemend voorzitter J. Backers van de Landelijke Vereniging van Leerplichtambtenaren plaatst vraagtekens bij het percentage dat de staatssecretaris noemt. Zelf heeft hij in Emmen nog nooit ouders ontmoet die hun kinderen op vierjarige leeftijd thuishouden. “Ik heb de indruk dat in Nederland vrijwel alle kinderen van vier naar school gaan”, zegt Backers. In feite wil Netelenbos, denkt hij, de situatie die nu al normaal is in de wet vastleggen. Daar schuilt naar zijn idee ook een gevaar in. “Nu kan een moeder haar kleuter van vier bijvoorbeeld nog 's middags thuishouden als hij veel slaap nodig heeft. Als het kind leerplichtig is, kan dat veel moeilijker.”

Niemand weet precies uit welke bevolkingsgroepen de vierjarigen komen die niet op school zitten. “Het is volstrekt onduidelijk of het vooral allochtone kinderen zijn, of kinderen van laag opgeleide ouders, die vaak van huis uit al een achterstand hebben”, zegt onderwijskundige dr. L. Mulder van de Nijmeegse Universiteit. “Dat zou Netelenbos toch eerst moeten laten uitzoeken. Turkse en Marokkaanse kinderen gaan niet zo vaak naar een peuterspeelzaal, maar dat betekent niet dat ze ook later naar de basisschool gaan.”

Niet bekend