Bayern ziek van tegendoelpunt

ROTTERDAM, 6 MAART. Teleurstelling overheerste gisteren bij Bayern München na de overwinning van 2-1 op Nottingham Forest. De Engelsen verschaften zich met hun enige doelpunt een goede uitgangspositie voor de return in de kwartfinale van de UEFA-beker. Doelman Oliver Kahn was de zondebok. Hij ging nadrukkelijk in de fout. Slavia Praag en AC Milan wonnen beide thuis met 2-0, van respectievelijk AS Roma en Bordeaux.

Jürgen Klinsmann zette Bayern op voorsprong. De spits met zoveel internationale ervaring toonde zijn goede sprongtechniek bij een voorzet van Scholl en kopte raak: 1-0. Het was de vijftigste Europa-Cuptreffer van de Duitser die behalve in eigen land (Stuttgart, Bayern) ook in Italië (Inter Milan), Frankrijk (Monaco) en Engeland (Tottenham Hotspur) speelde. Dit seizoen scoorde Klinsmann al twaalf keer in Europese bekerwedstrijden.

Twee minuten later maakte Nottingham Forest gelijk. Ook de 1-1 was een kopbal, van verdediger Chettle. Hij strafte een fout af van doelman Kahn.

Vlak voor de rust stond Bayern, waar veteraan Matthäus ondanks een spierblessure de verdediging leidde, op 2-1. Scholl profiteerde van voorbereidend werk van de Zwitser Sforza. In de tweede helft kreeg Bayern nog een aantal kansen, maar de ploeg van Bryan Roy slaagde er in om de aansluiting te houden. Helmer had pech toen hij in de 72ste minuut de lat trof.

Slavia Praag verraste AS Roma. De koploper uit de Tsjechische competitie versloeg de nummer zeven uit Italië met 2-0. Poborsky (vrije trap van 30 meter) en invaller Vagner maakten de doelpunten, in elke helft één. Bij beide doelpunten ging doelman Cervone niet vrijuit. De Italianen speelden de laatste tien minuten met tien man nadat Petruzzi van de Schotse scheidsrechter Mottram rood had gekregen na een overtreding op de doorgebroken Vavra.

AC Milan, zonder Weah, kondigde het einde van het bekeravontuur van Bordeaux aan. De Fransen waren via de Intertoto-competitie in de UEFA-Cupstrijd beland, onder meer dank zij een overwinning op Heerenveen. In het San Siro-stadion ging de ploeg van Richard Witschge met 2-0 onderuit. Eranio scoorde na een klein half uur, Roberto Baggio een kwartier voor tijd.