Produktie van vezelhennep kan beginnen

OUDE PEKELA, 5 MAART. De fabriek ligt nog stil. Twee technici lassen en timmeren aan een machine. Gisteren is proefgedraaid. Bij de produktielijn aait Hempflax-directeur M. Hendriks over een bult verwerkte vezelhennep. “Dit heeft niets met hasj te maken. Hooguit wordt de vezelhennep nog eens in sigarettenpapier verwerkt.” Hendriks zegt consequent “vezelhennep” in plaats “hennep”, om de relatie met hasj zoveel mogelijk te vermijden.

Het Oostgroningse dorp Oude Pekela heeft er met het hennepverwerkende bedrijf Hempflax sinds een jaar een nieuwe industrie bij, en boeren uit de omgeving een nieuw gewas. Als binnen enkele weken de produktielijn gereed is, rolt het eerste produkt van de lopende band: paardestalvulling.

Hempflax gaat ook kattebakvulling, isolatiemateriaal, touw, garen voor de textielindustrie, spaanplaat en papierpulp als grondstof voor 'boomvrij' papier produceren. Hendriks: “De prijs van papierpulp is de laatste jaren verdubbeld. Het perspectief is goed.” Ook zijn er contacten met de Duitse auto-industrie die van vezelhennep hoedeplanken en deurplaten willen maken.

Bij de fabriek werken nu twaalf mensen, maar Hendriks verwacht dat dit in enkele jaren kan oplopen tot een man of veertig. In de hennepfabriek is al voor acht miljoen gulden geïnvesteerd. Dit jaar volgt nog een zelfde bedrag. Doelstelling is om in 1997 zonder verliezen een omzet te realiseren van 9 miljoen en in 1998 van elf miljoen met een winst van een kleine miljoen.

Hempflax heeft het laatste half jaar met acquisities, marketing en het verwerven van subsidies echter niet de wind mee gehad.

Initiatiefnemer van Hempflax is B. Dronkers, die in Rotterdam drie coffeeshops onder de naam 'Sensi Smile' exploiteert. Met 'Sensi Seed' handelt hij in hennepzaden en in Amsterdam heeft hij een hasjmuseum. Met deze activiteiten heeft hij een omzet van 20 miljoen gulden per jaar. “Dronkers is een rasondernemer”, zegt Hendriks. Het ministerie van Justitie ziet dat anders. Het weigerde Dronkers tot nu toe een verklaring van geen bezwaar voor de oprichting van drie BV's voor Hempflax. Justitie gaf als redenen Dronkers' “antecedenten”, het feit dat hij een warm pleitbezorger is van legalisering van softdrugs en de vrees dat hij Hempflax zal gebruiken voor verdere ontwikkeling van softdrugs. Tegen Dronkers is een aantal keer proces-verbaal opgemaakt, maar hij is nooit veroordeeld.

“Voor zijn andere activiteiten heeft Dronkers volkomen legale BV's. Hij heeft hooguit een bon voor te hard rijden gekregen”, zegt Hendriks. Hempflax spande een rechtszaak aan tegen Justitie. Het College van Beroep voor het Bedrijfsleven in Den Haag stelde het bedrijf vorige week in het gelijk. Justitie mag de oprichting van de BV's niet langer weigeren. Volgens een woordvoerder van het ministerie van Justitie wordt de aanvraag nu heroverwogen. Of dat uitmondt in een vergunning, is volgens hem nog niet zeker. “Over zes weken weten we meer.”

De IRT-affaire, de Franse druk tegen het Nederlands hasjbeleid of andere politieke redenen. Hendriks zegt te gissen naar de ware beweegredenen van Justitie. Het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij oordeelde juist positief over Hempflax voor een subsidie van 540.000 gulden van het Europees Garantiefonds voor de Landbouw. Doordat Hempflax nog geen rechtspersoon is, kreeg het bedrijf deze subsidie niet. Hendriks hoopt door de gerechtelijke uitspraak de BV's snel te kunnen oprichten en de bijdrage alsnog te krijgen. Hij verwacht ook subsidie van circa 800.000 gulden uit de Investeringspremieregeling (IPR).

Hempflax heeft geleden onder het gedoe met Justitie, zegt Hendriks. “Ons imago heeft een behoorlijke deuk opgelopen. Leveranciers en het onderzoeksinstituut ATO durfden niet met ons in zee te gaan. Mensen hier in het dorp denken 'dat wordt nooit wat'. Hopelijk is dat over een paar maanden voorbij.”

Hempflax is in Oude Pekela gevestigd in de voormalige kartonfabriek Free van KNP BT, die al volstaat met strobalen van geoogste hennep. De nabijheid van de papierindustrie was een van de redenen om het Veenkoloniale gebied als vestigingsplaats te kiezen. De aanwezigheid van veel landbouwgrond en het feit dat de Groningse boeren zoeken naar een goed renderend gewas naast aardappelen, suikerbieten en graan speelde ook een rol. In Nagele in de Noordoostpolder nam Hempflax begin 1994 het vlasverwerkend bedrijf Flevo Vlas over. De eerste hennepoogst is hier in een proefopstelling verwerkt.

Ruim honderd landbouwers in Oost-Groningen verbouwen inmiddels hennep op bijna duizend hectare. De Europese Gemeenschap geeft 1.700 gulden per hectare subsidie op de teelt van vezelhennep.

Pagina 20: Hennepteelt als basis van een keten

Eenmaal in de fabriek heeft het gewas een waarde van circa 2.500 gulden per hectare. De teelt- en oogstkosten zijn ongeveer 1.250 gulden, zodat voor de boeren een opbrengst van 1.200 tot 1.300 gulden overblijft. Hoewel de verwachtingen goed zijn, blijft de steun voor de telers volgens Hendriks voorlopig nog nodig. “Maar ik denk dat we de komende jaren een eventuele daling van de subsidie kunnen opvangen.” Hempflax heeft een hennepteelt nodig van 3.000 hectare. Het bedrijf zoekt ook in de Duitse grensstreek landbouwers, nu de teelt van hennep daar sinds enkele weken niet meer verboden is.

“Wij proberen een agro-industriële keten op te zetten. De fabriek moet zoveel mogelijk eindprodukten leveren. Dat geeft de hoogste meerwaarde”, vertelt Hendriks. De verwachtingen zijn volgens hem vooral gunstig, omdat vezelhennep een milieu-vriendelijk produkt is. “Hennep is een plant zonder ziektes en het onderdrukt onkruid. Er zijn dus geen bestrijdingsmiddelen voor nodig.” Volgens Hendriks is dat gunstig voor het grondwater en bovendien laat het voor de boeren een goede bodem achter. Dat maakt het tot een goed 'rotatiegewas'.

Als isolatiemateriaal is hennep goedkoper dan wol, volgens Hendriks ongeveer drie gulden per kilo tegen zes gulden per kilo. “Bovendien gaat de isolatiewaarde van wol omlaag als het vochtig wordt. Met vezelhennep heb je daar geen last van.” In de textielindustrie ziet Hendriks volop kansen, omdat de vraag naar natuurlijke produkten toeneemt. Vezelhennep zou katoen kunnen vervangen. Katoen veroorzaakt milieuproblemen, omdat bij de verbouw volgens Hendriks veel bestrijdingsmiddelen nodig zijn.

In Oost-Europa werd hennep op grote schaal verbouwd en vond het als canvas vooral zijn weg in de defensie-industrie. Maar na de val van de Muur zijn daar veel boeren overgeschakeld op voedselgewassen. De Franse hennep-industrie vormt voor Hempflax een grotere concurrent.

Of het ministerie van Justitie binnen zes weken nu wel of niet de BV's voor Hempflax zal toestaan, zal volgens Hendriks het bedrijf in Oude Pekela niet echt in de weg staan. “Dan gaan we wel onder een andere vlag door. Maar het wordt dan wel moeilijker.” Akkerbouwer A. Dun uit Oude Pekela zorgt voor de begeleiding van de hennepteelt en -oogst in Oost-Groningen. Ook hij wacht al vanaf april op de oprichting van zijn BV. Hij is daar niet over te spreken. “Ik heb nog nooit een stickie gezien. Laat staan dat ik weet hoe ik hasj moet verbouwen.”