Patsy Cline (1932-1963); Als ik zink is het jouw schuld

De lijst van popmusici die voortijdig en op het hoogtepunt van hun roem overleden is lang. Elk van hen heeft een zwanezang, een laatste veelbetekenend nummer. Een jaar lang worden, op sterfdagen van popmusici, deze laatste nummers nader bekeken. Vandaag 'I'll Sail My Ship Alone', de zwanezang van Patsy Cline die vandaag precies 33 jaar geleden overleed.

“De dertig haal ik niet”, schijnt de Amerikaanse country-zangeres Patsy Cline in haar laatste levensjaren verschillende keren te hebben gezegd. Helemaal gelijk zou ze niet krijgen, want toen ze op 5 maart 1963 overleed, was ze al bijna een half jaar dertig. Slechts twee van de dertigëneenhalf jaar hadden haar succes gebracht. Armoede, een gewelddadige en zeer incestueuze vader die het gezin Hensley, zoals de achternaam van Patsy Cline oorspronkelijk luidde, in 1947 verliet, een baan bij de drogist in haar woonplaats Winchester, Virginia, en een huwelijk met een saaie man genaamd Cline - zo luidt de samenvatting van Patsy Cline's leven tot 1956. Als zangeres ging ze tot 1961 gebukt onder een knevelcontract met een kleine platenmaatschappij dat haar slechts één hitje, Walkin' After Midnight, en nauwelijks geld opleverde.

Maar 1961 was het jaar van de ommekeer. Bevrijd van het contract, haalde ze bij haar nieuwe platenmaatschappij Decca onmiddellijk een grote hit. I Fall To Pieces was de titel van het nummer dat binnen een paar maanden werd gevolgd door een ernstig auto-ongeluk. Patsy Cline kwam er met een lange snee in haar voorhoofd, een gebroken pols en een ontzette heup vanaf, de twee andere betrokkenen kwamen om.

Op de halve zwanezang I Fall To Pieces volgde een reeks hits zoals Crazy en She's Got You. Ze laten allemaal horen waarom Patsy Cline zo bijzonder was. Cline was weliswaar een countryzangeres - vooral zelf zag ze zich zo - maar haar stem was niet nasaal en snerpend. En ook de in country onvermijdelijke snik is niet jankend en overdreven, maar bijna onmerkbaar en soepel, net zo soepel als ze van de ene toonhoogte naar de andere kon glijden. Patsy Cline kon alles zingen.

In haar stervensjaar 1963 was Patsy Cline op het hoogtepunt van haar roem. Als een van de eerste zangeressen had ze de kloof tussen de tot dan toe in Amerika strikt gescheiden genres van country en pop weten te overbruggen. Net als Otis Redding vier jaar later maakte ze gebruik van een vliegtuigje om van het ene naar het andere optreden te gaan. Op 4 maart vloog ze, na een optreden in Kansas City, ondanks het slechte weer terug naar Nashville, hoofdstad van de countrymuziek. In de vroege ochtend van dinsdag 5 maart stortte de Piper Comanche drie mijl ten westen van Camden, Tennessee, neer. “They are all in small pieces”, was het commentaar van de politie op het ongeluk, dat naast Patsy Cline ook de country-zangers Cowboy Copas en Hawkshaw Hawkins en Cline's manager Randy Hughes het leven kostte.

Op 7 februari had Patsy Cline in Nashville haar laatste plaatopname gemaakt. Het allerlaatste van de vier nummers dat ze die middag opnam was I'll Sail My Ship Alone, een nummer over een voorbije liefde dat eerder al een hit van Moon Mullican was geweest. Het is een vreemd lied: ondanks de zorgelijke inhoud begint het met een onbekommerd intro van een paar gitaartonen en strijkers en ook de rest van het nummer klinkt eerder vrolijk dan droevig. Patsy Cline zingt het vlekkeloos, met haar soepele snik op de juiste plaatsen - 'sending my sos' - maar ze klinkt ook afstandelijk, bijna ongeïnteresseerd zelfs.

I'll Sail My Ship Alone was dan ook bedoeld als een b-kant van een hit-single of als een 'vuller' op een elpee. Toch zou het nummer net zo omineus blijken als eerder I Fall To Pieces. “We were sweethearts for so long / But now you say we're through”, zo luidt het begin. Vervolgens vergelijkt Cline zichzelf met een schip waarover in het refrein nadere informatie volgt: “I'll sail my ship alone / With all the dreams I own / Drifting across the ocean blue.” En dan volgen de regels die Cline's zwanezang zo wrang maken: “I'll sail my ship alone / Though all the sails you've torn / And when it starts to sinking I'll blame you.” De tweede en laatste keer dat ze het refrein zingt, gaat ze, in tegenstelling tot de eerste keer, in toon omhoog. Het is een gebruikelijke manier om een lied af te sluiten, maar in dit geval klinkt het alsof ze ons nog eens goed wil laten horen wat de allerlaatste regel was die ze opnam: “And when it starts to sinking I'll blame you.” Al minder dan een maand later stortte haar luchtschip neer.