Palestijnen in Gaza wachten stilletjes op betere tijden

GAZA, 5 MAART. In heel Gaza is geen meel meer te krijgen. Ook olijfolie, suiker en luxe-artikelen als spoelglans voor de afwasmachine zijn zo goed als uitverkocht. De bom in Tel Aviv was gistermiddag nog maar net ontploft of de Palestijnen in de Gazastrook sloegen aan het hamsteren. De vrouwen maakten de boodschappenlijsten, de mannelijke familieleden persten zich in de auto en laadden bij de dichtstbijzijnde winkel de achterbak vol levensmiddelen.

Haast alles wat hier te koop is - behalve groenten, fruit, kip en olijven - komt namelijk uit Israel. Nu Israel Gaza weer voor onbepaalde tijd heeft afgesloten, verwachtten de Palestijnen dat de aanvoer zou stagneren. Toen de schemering viel en iedereen zijn inkopen had gedaan, werd het heel stil op straat.

Men sloot zich thuis op, zette de (Israelische) televisie aan en wachtte af. Het enige dat zich gisteravond nog op straat bewoog, waren politieauto's op terroristenjacht, op de voet gevolgd door cameraploegen van grote internationale netwerken.

Zowel het hamstergedrag als de neiging om met de familie bij elkaar te kruipen en stilletjes de verdere gebeurtenissen af te wachten, is een soort Pavlov-reflex. Tijdens de Intifada hebben de Palestijnen geleerd dat je in geval van calamiteiten op alles voorbereid moet zijn - een straatverbod dat drie weken duurt, Israelische soldaten die je huis binnenvallen, enzovoort. De Intifada, de Palestijnse opstand tegen Israel die in 1987 begon, vormt nog steeds het referentiekader.

De hele nacht vlogen Israelische helikopters laag over en graasden met felle zoeklichten woonwijken en boomgaarden af. Als er een straaljager overkwam, klonk er soms een oorverdovende knal. “Zo te horen”, zei een Palestijn met een deskundigheid die jarenlange ervaring verried, “is het geen bom. Ze gaan gewoon door de geluidsbarrière.” Sommige mensen waren vanmorgen zelfs verbaasd dat de telefoons het de hele nacht hadden gedaan en dat Israel de elektriciteit niet had afgesloten. Dat er vanmorgen een lading gesteriliseerde melk Gaza in kwam kon al helemaal niemand geloven.

Toch is er ook een groot verschil met de Intifada. En dat is dat veel Palestijnen steeds openlijker afstand nemen van het doorgaande Palestijnse geweld tegen Israel. Zes, zeven jaar geleden vormden de Palestijnen, voor het oog van de buitenwereld tenminste, een gesloten front. Nu vervloeken zij de zelfmoordenaars tot in het zevende geslacht.

Pagina 5: Palestijnen zitten vol afgrijzen aan hun televisie gekluisterd

Tijdens de Intifada was het not done om aanslagen te veroordelen, om je eigen volk af te vallen. Het was immers oorlog, en in oorlogstijd val je elkaar niet af. Nu zitten zij vol afgrijzen aan de televisie gekluisterd.

“Ik schaam me dood voor mijn eigen volk”, zegt een hoge Palestijnse functionaris boos. Volgens hem zou het toch al jaren kosten vóór de Palestijnen het imago van 'terroristen' een beetje van zich af kunnen schudden. “We gaan een stapje vooruit, en weer vijftig stappen terug. Nu denkt de hele wereld weer: daar heb je die terroristen weer.”

Veel Palestijnen delen zijn mening. Een beter bewijs dat het vredesproces na anderhalf jaar de collectieve psyche heeft veranderd, is er niet. Zelfs de tegenstanders van het Oslo-akkoord (het vredesakkoord met Israel uit 1993) zien in dat de kans dat zij ooit een Palestijnse staat krijgen, na elke bom kleiner wordt.

De strenge straffen die Israel de Palestijnen steeds na een aanslag oplegt, dragen zeker bij aan die veranderde attitude. Sinds Gaza autonomie heeft gekregen is het leven er voor de meesten alleen maar moeilijker op geworden. De Palestijnen zitten zo goed als opgesloten. Zij kunnen niet meer reizen en velen kunnen niet meer werken.

Toch zetten de Palestijnen zich niet alleen tegen de zelfmoordenaars af. Zij beginnen Arafat ook te verwijten dat hij dus een verkeerd vredesverdrag heeft gesloten. “Als dit vrede is”, zegt Marwan Abu Gazaleh, een winkelier, “dan begrijp ik niet waarom hij hier ooit mee akkoord kon gaan. Het voelt meer als oorlog.” Dit is de reden dat hij gistermiddag niet mee wilde lopen in de 'spontane vredesdemonstratie' door het centrum van Gaza. In werkelijkheid had Arafat die demonstratie namelijk zelf georganiseerd. Al die meisjes met hun witte hoofddoeken en blauwe spijkerjurken die gisteren met spandoeken op het plein werden gefilmd, waren middelbare scholieren. Zij hadden vrij gekregen en werden in gereedstaande bussen gestopt met de opdracht om de rest van de dag pro-Arafat-leuzen te scanderen.

Voor een echte spontane demonstratie zijn de Palestijnen te murw, te veel verslagen. Ook vandaag komen zij alleen voor het hoognodige de deur uit. Zij zitten binnen, tussen al die noodvoorraden, met het hek stevig op slot. Het is wachten op betere tijden.