Oud-burgemeester Riem voor het Hof wegens corruptie

DEN BOSCH, 5 MAART. Justitie houdt vast aan de beschuldiging van corruptie en valsheid in geschrifte door oud-burgemeester van Brunssum H. W. Riem. Dit bleek gisteren op de eerste dag van de behandeling in hoger beroep voor het gerechtshof in Den Bosch.

Riem werd vorig jaar door de rechtbank in Maastricht vrijgesproken van corruptie en valsheid in geschrifte, maar justitie blijft geloven dat hij in ruil voor tegenprestaties giften heeft aangenomen van grindproducenten.

Riem werd in november 1992 burgemeester van het voormalige mijnwerkersstadje Brunssum met vijftigduizend inwoners. Met zijn ambt in Brunssum aanvaardde Riem vier functies in de baggerwereld.

De tegenprestatie van Riem zou hebben bestaan uit een partij zand van zestigduizend kubieke meter die hij in de nadagen van zijn ambt aan een van de baggerbedrijven uit de overkoepelende Panheelgroep zou hebben geschonken en uit de betaalbaarstelling van een omstreden factuur.

Het openbaar ministerie meent onvolkomenheden te hebben ontdekt in de manier waarop Riem zijn rekeningen indiende bij de bedrijven en in de manier waarop hij de nevenfuncties meldde bij de gemeente Brunssum. Zo aanvaardde hij eerst een commissariaat bij de firma Dekker in IJzendoorn en streefde hij vervolgens met succes het landelijke voorzitterschap na van de Federatie van oppervlakte- en delfstofwinnende industrieën. Met goedvinden van Dekker werd hij ook nog adviseur van de Panheelgroep. De groep betaalde het honorarium van dertigduizend gulden rechtstreeks aan Dekker, dat daarvoor een rekening wegens advieskosten stuurde. Volgens Riem en de directeur van de Panheelgroep, die gisteren als getuige werd gehoord, was dat zo afgesproken om Dekker zekerheid te geven over de terugbetaling van een lening van zestigduizend gulden, die Riem van Dekker bij zijn aantreden als commissaris had gekregen.

Riem stuurde op naam van zijn advies-bv Tricht Consult een rekening wegens advieskosten van honderdtwintigduizend gulden plus BTW en kreeg kort daarna 142.000 gulden op zijn rekening. De president van het Hof vond dat merkwaardig, omdat over leningen geen BTW maar wel rente wordt betaald.

Riem blijft ondanks de vrijspraak oneervol ontslagen als burgemeester. De afdeling bestuursrechtspraak van de rechtbank Maastricht heeft de minister van Binnenlandse Zaken in het gelijk gesteld in de procedure die Riem had aangespannen om het ontslagbesluit ongedaan te maken. De bestuursrechter stelt dat de minister mag oordelen of een burgemeester het aanzien van zijn ambt schaadt. Riem heeft volgens de minister zijn ontslag te wijten aan de manier waarop hij achteraf samen met de gemeentesecretaris en de wethouders collegebesluiten aanvulde die betrekking hadden op nevenfuncties en reisdeclaraties. Voortzetting van de zaak op 10 april.