OM eist vrijspraak voor Van den Nieuwenhuyzen

DEN HAAG, 5 MAART. Directeur-eigenaar Joep van den Nieuwenhuyzen van RDM moet door het Haagse gerechtshof worden vrijgesproken van de verdenking van beursfraude in de HCS-affaire. Dat eiste het openbaar ministerie vanmorgen bij monde van advocaat-generaal mr. J. Nuis.

Volgens Nuis heeft Van den Nieuwenhuyzen geen misbruik gemaakt van voorwetenschap toen hij op 31 juli 1991 4,1 miljoen aandelen van het noodlijdende technologiebedrijf HCS op de beurs verkocht. De verdenking van beursfraude was gerezen omdat Van den Nieuwenhuyzen de nacht tevoren aanwezig was geweest bij de totstandkoming van een reddingsplan voor HCS. Daarom zou hij meer details hebben geweten over de tijdens dat nachtelijke beraad overeengekomen kapitaalinjectie.

Een tweetal door het Haagse Hof benoemde getuigen-deskundigen hadden eerder al geoordeeld dat Van den Nieuwenhuyzen geen misbruik van voorwetenschap had gepleegd omdat de kennis over het reddingsplan die Van den Nieuwenhuyzen bezat - en niet in het in de vroege ochtend van 31 juli 1991 verstuurde persbericht stonden - niet als koersgevoelig kunnen worden aangemerkt. Nuis volgde de conclusie van beide deskundigen, voorzitter Panjer van de Vereniging van Beleggingsanalisten en A. van Os, penningmeester van Ajax en voormalig beurshandelaar.

De Hoge Raad had enkele maanden geleden in haar arrest over de HCS-affaire bepaald dat er alleen van koersgevoelige informatie sprake kan zijn als duidelijk is dat de openbaarmaking van die kennis een aanmerkelijk invloed op de koers zal uitoefenen, maar dat tevens duidelijk is welke richting die koers zal uitgaan. Volgens Nuis was dat hier niet het geval.

De Hoge Raad vernietigde met haar oordeel de uitspraak van het gerechtshof in Amsterdam in oktober 1994 die Van den Nieuwenhuyzen wel had veroordeeld voor beursfraude en hem een gevangenisstraf van zes maanden had opgelegd. Als het Hof in Den Haag vrijdag a.s. het oordeel van Nuis overneemt en Van den Nieuwenhuyzen vrijspreekt, komt er een einde aan aan een slepende procesgang van vierenhalf jaar. De bedrijvendokter is in die tussentijd ook vrijgesproken van de verdenking van misbruik van voorwetenschap bij de overname van scheepswerf RDM. In de periode dat hij vervolgd werd, ging het bergafwaarts met Van den Nieuwenhuyzen. Begemann, waar hij directeur en eigenaar van was, is inmiddels zo goed als ontmanteld.

Niet bekend

Nuis gaf wel toe dat achteraf “een eenvoudiger zaak met een minder complexe telastelegging” beter was geweest om als eerste voorkenniszaak in Nederland te dienen. Het vergrijp is sinds 1989 strafbaar.

Overigens pleitte Nuis en passant voor het aanpassen van een aantal onderdelen van de wetstekst, waarvan een wijziging in voorbereiding is. Nuis is het niet eens met de uitleg van de Hoge Raad dat het voordeel dat bij misbruik van voorwetenschap ontstaat, rechtsreeks uit de transactie moet voortvloeien.