Lid bende bekent moord in Venlo

DEN BOSCH, 5 MAART. Sjakie H., het enige lid van de Bende van Venlo dat niet in hoger beroep is gegaan tegen zijn straf, heeft donderdag in de gevangenis van Almelo een volledige bekentenis afgelegd over de moord op het bejaarde Venlose echtpaar Van Rijn. Daags daarvoor had hij als getuige voor het Hof nog verklaard dat hij niets van de moord wist en dat hij eerdere bekentenissen tegenover de politie had verzonnen om zo snel mogelijk te worden overgeplaatst uit het Huis van Bewaring, waar hij werd gepest door medegevangenen.

Het verhoor in Almelo werd gehouden op last van procureur-generaal P. Bender, die Sjakie woensdag tijdens de zitting van meineed beschuldigde. De 24-jarige H., die in Roermond is veroordeeld tot veertien jaar gevangenisstraf met tbs, zegt nu dat hij tegenover het Hof en eerder tegenover de rechtbank heeft gelogen omdat hij bang is voor wraakacties van andere bendeleden: “In de rechtszaal keek Frenkie P. me aan met een blik die ik goed van hem ken, zo van: jou krijg ik nog wel.”

Ook zei H. geschrokken te zijn van de aanwezigheid van advocaat Th. Hiddema, die in Roermond de Turkse verdachte Hacibey K. verdedigde, maar die nu als raadsman van Astrid van B. optreedt: “Ik schrok me rot toen ik Hiddema zag staan. Ik dacht dat hij nog steeds de advocaat van Hacibey was. Ik klapte helemaal dicht, omdat de Turken mijn ouders hebben bedreigd. Ook Astrid van B. heeft in haar dagboek dat zij tijdens haar voorarrest bijhield, verklaard dat zij en haar ouders geregeld werden bedreigd door een onbekende Turkse man die zij Nageltje noemt.”

Pagina 3: Drie verdachten ontkennen nog iedere betrokkenheid

Overigens klopt de beschrijving van de Venlose moord in het dagboek precies met de verklaringen van Sjakie. Hij zou samen met Frenkie P., Sannie P. en Marcel N. het echtpaar Van Rijn op 15 februari 1994 's avonds hebben overvallen en gedood, terwijl Frenkies vriendin Astrid buiten in de auto bleef wachten. Toen zij geschreeuw uit het huis hoorde komen, liep zij naar de voordeur en zag nog juist hoe Frenkie de 80-jarige mevrouw Van Rijn de keel doorsneed. Astrid viel in zwijm en werd door Frenkie en Sannie in de kofferbak van de auto gegooid. Een toevallige passant zag dat, maar dacht dat de twee een rol vloerbedekking naar de auto droegen.

De enigszins warrige man meldde zich later als getuige bij de politie en zei daar dat hij een vrouw met een Brabants accent had horen roepen: “Willen jullie me 't graf in hebben?” Volgens Sjakie klopt die getuigeverklaring precies: “Ik vind het heel knap dat die getuige dat zo goed heeft onthouden. Marcel en ik hielden op dat moment de vrouw bij haar handen vast. Ze riep: 'Willen jullie me 't graf in hebben?' Dat waren haar laatste woorden, want meteen daarna stak Frenkie haar neer.”

Evenals Sjakie zijn ook Frenkie, Sannie en Marcel voor de moord op het echtpaar veroordeeld. De laatste drie ontkennen nog steeds iedere betrokkenheid. De moeder en de stiefvader van Sannie verklaarden gisteren als getuigen dat Sannie op het tijdstip van de moord thuis was en dat hij pas om elf uur, toen de moord al was geschied, door Frenkie was opgehaald.

Marcel N., die in de onderzoeksfase ook een bekentenis heeft afgelegd, die hij later weer heeft herroepen, kon gisteren nog enige moed putten uit de verklaring van districtspsychiater prof. dr. A. van Leeuwen, die zei dat de bekentenis van Marcel het gevolg kan zijn geweest van de landurige politieverhoren. “Iemand die twintig dagen wordt verhoord, terwijl hij in een cel verblijft waar dag en nacht licht brandt en waar een oud nummer van Panorama de enige afleiding vormt, kan zeer wel ontredderd raken. Maar dat wil niet zeggen dat zijn bekentenis daarom niet juist is.”