Files deren de meeste kiezers niet

Het is een prominent onderwerp op menige verjaardagspartij: files. Maar in de politiek leeft filebestrijding niet echt, aldus J.A. Blom. Geen enkel partijprogramma geeft voldoende fundament om vele miljarden uit te geven voor een kwartier langer in bed liggen. Maar een aanfluiting blijft het.

Om 08.00 uur 's ochtends met twintig mensen in de wachtkamer bij de huisarts, en om 09.00 uur nog niet geholpen. En als troost las je dan De Lach. Weet u nog? Dat is niet meer van deze tijd. Je maakt gewoon een afspraak. Dan moet je heus nog wel eens vijf of tien minuten wachten, maar over het algemeen blijft het daar wel bij. Een kwestie van simpele organisatie, een net even andere manier met elkaar omgaan.

Hoe erg zijn files? Daar valt veel relativerends over te zeggen. Maar hoe beperkt het probleem in macro-optiek en afgezet tegen andere problemen ook is, het is elke dag een teken van onnodige onmacht.

Hoe erg zijn files als je dat vanuit de stad bekijkt? Een file beweegt zich ongeveer met fietssnelheid voort. Voor een stadsmens dus niet om wakker van te liggen; in de stad is dat voor een auto een gewone gemiddelde snelheid. In de spits reikt het stedelijk gebied van Haaglanden volgens de maat van de gemiddelde autosnelheid dus tot aan het aquaduct bij Gouda.

En wat te denken van een winkelier die èlke morgen om negen uur een rij van vier kilometer klanten voor zijn deur heeft staan. Geen beklagenswaardige positie. Vooral omdat de collega-steden hun klanten niet vlugger binnenlaten en daar dus ook zo'n rij staat. Stel je voor dat op een dag als bij toverslag in Haaglanden de autostroom zo snel wordt verwerkt dat er nauwelijks meer files optreden. Wat zouden de bestuurderen in het Rotterdamse, Amsterdamse en Utrechtse dàn doen.

In de discussie over een plan voor een snelle tram van Den Haag CS naar de wijk Benoordenhout reageerde een keurige Benoordenhoutse meneer in de raadszaal aldus: “Meneer de wethouder, ik heb toch goed begrepen dat deze tram bedoeld is om forensen uit de auto in het openbaar vervoer te krijgen. Ik wil u er dan op wijzen dat u niet gekozen wordt door forenzen, maar door de bewoners van deze gemeente.” Het plan strandde snel. De bewoners hadden liever een bus die door de wijk scharrelde, met haltes lekker in de buurt.

Hoe erg zijn files als je dat vanuit snelwegenperspectief bekijkt? Voor een wegbeheerder zijn veilig, vlug, vlot en vlak primaire kwaliteitsaspecten naar zijn klanten, de weggebruikers. Op een file-topdag staat er 200 kilometer file op een totaal van 2.000 kilometer snelweg. Tweeduizend kilometer maal twee richtingen is 4.000 kilometer. Het fileprobleem is dus een 5-procentprobleem. En op het totale wegennet van 100.000 kilometer een één-promilleprobleem.

Vervolgens kan men zich realiseren dat gemeenten om een extra aansluiting gesmeekt en gebeld hebben, zodat de snelweg in een aantal gevallen als lokale rondweg functioneert, op rijkskosten. En dan klagen over files? Vanuit nationaal perspectief behoeven we daarover trouwens niet eens zo ongelukkig te zijn. Want die 'rijksrondwegen' zijn een stuk veiliger en geven veel minder bewonershinder dan de stedelijke hoofdwegen. Dus waarom niet.

Hoe erg zijn files voor de Nederlandse kiezers? Terwijl de kranten al jaren bij regelmaat iemand aan het woord laten over 'dichtslibbend Nederland' en 'het naderend verkeersinfarct' zie je de Tweede Kamer geen grote daadkracht vertonen. Dat moet toch op enig moment bij de critici te denken geven.

Eén gedachte ontleen ik aan een recent artikel (in NRC HANDELSBLAD van 1 februari) van G.C.N. Beets. Dat gaat over grote verschillen van mening over een bepaalde zaak tussen de groep most informed en de groep least informed. De laatste groep stoelt haar mening op de beperkte eigen ervaringen. Het zou dus kunnen zijn dat de Tweede Kamer, die per definitie de least informed vertegenwoordigt, te weinig rugdekking krijgt van haar achterban om de zaak steviger, en dat is in politiek opzicht waarschijnlijk ook pijnlijker, aan te pakken. In de partijbladen heeft het onderwerp files afgelopen jaar in ieder geval geen prominente plaats gekregen. En ook in de lokale politiek wordt bijvoorbeeld een stringenter parkeerbeleid meer dan eens draconisch gevonden. Andere thema's zoals criminaliteit en veiligheid, vindt men een stuk urgenter.

Voor een andere gedachte kan ik dicht bij huis blijven. Mijn gezin bestaat uit vier kiezers van wie er drie zeker niet bij voorrang op een partij zullen stemmen vanwege de daadkrachtige file-aanpak. Die hebben heel andere verlanglijstjes.

De filerijders zijn, zo concludeer ik, een kleine minderheid, dwars door de partijen heen. En geen enkel partijprogramma geeft voldoende fundament om vele miljarden uit te geven voor een kwartier langer in bed liggen. Als je dan nog bedenkt dat het reistijdverlies door congestie een à twee procent van de totale reistijd in het autoverkeer bedraagt (prof. Bovy, TU Delft), dan lijkt de Tweede Kamer toch gewoon rationeel gedrag te vertonen.

De nationale partijen zitten er dus niet zo mee, en de burgers van de filesteden ook niet. Wie zitten er wèl mee? Het zakelijk wegverkeer en het vrachtverkeer. Voor hen verdubbelt het probleem in de komende vijf jaar, evenals de afgelopen vijf jaar.

Wat de afgelopen vijf jaar ook bijna verdubbelde waren onze gezamenlijke vakantie-uitgaven in het buitenland. Onze steeds intensievere internationale ervaring met hotel-, vliegtuig-, pretpark- en wat niet al -reserveringen zal daardoor de onmacht tegenover het groeiende fileprobleem in een steeds schriller licht zetten. Onderwerp nummer één op verjaarsfeestjes. Het is en wordt geen navrant maatschappelijk probleem, maar voor een hooggeorganiseerde maatschappij wel een aanfluiting.