Rijksrecherche onderzoekt corruptie Rotterdamse CID

ROTTERDAM, 4 MAART. De rijksrecherche gaat meedoen aan het onderzoek dat justitie instelt naar corruptie bij de Criminele Inlichtingendienst (CID) van de Rotterdamse politie. Hiertoe is besloten om “een vermeend gebrek aan objectiviteit te voorkomen”, zo heeft het Rotterdamse openbaar ministerie vanmorgen meegedeeld.

Het onderzoek is tot nu toe uitgevoerd door het Bureau Interne Zaken van de politie in Rotterdam. Dit leidde tot kritiek vanuit onder meer de advocatuur, die vragen stelde bij de onafhankelijkheid van het onderzoek.

Het onderzoek concentreert zich op rechercheur Richard L. van de Rotterdamse CID, die er onder meer van wordt verdacht dat hij vertrouwelijke documenten over lopende politie-onderzoeken te koop heeft aangeboden in het criminele milieu. L. is op 7 februari aangehouden nadat hij op heterdaad werd betrapt bij de verkoop van geheime informatie. Het betreft volgens bronnen bij politie en justitie een van de grootste corruptiezaken uit de geschiedenis van het Rotterdamse korps.

Ook was er in de advocatuur eerder kritiek op het feit dat officier van justitie R. de Groot leiding gaf aan het onderzoek. De Groot werkte enkele jaren nauw samen met rechercheur Richard L. Hij wordt in de leiding van het onderzoek sinds kort bijgestaan door officier van justitie L. de Jonge.