'Martelaars' van Hamas studeren of hebben goede baan

GAZA, 4 MAART. “Ons hart zingt als we dit zien.” De vier broers Aziz kijken naar de Israelische televisie: beelden uit Jeruzalem, waar mannen in het wit de lijken bergen uit de passagiersbus die door een bomexplosie werd verwoest. Premier Peres, die Hamas de totale oorlog verklaart. En vraaggesprekken met de familie van de Palestijnse zelfmoordenaar uit Hebron. Hier, op de grond in een koude kamer van het vluchtelingenkamp Jabaliya in Gaza, weten ze wat het is om een zelfmoordenaar in de familie te hebben. “Een eer. En die eer straalt op ons af.”

Twee jaar geleden reed Anwar Aziz, 27 jaar, in een ambulance langs de grens met Israel. Toen er een stel Israeliërs aankwam, blies hij zichzelf op, en hen erbij. De familie hoorde het op de radio. Anwar liet vrouw en drie kleuters achter. Op het huis van zijn broer is een slinger paarse portretten van Anwar gestempeld.

Vrijwel alle zelfmoordenaars, of 'martelaars' zoals ze hier heten, zijn nakomelingen van Palestijnen die in 1948 of 1967 uit Israel vluchtten. De kinderen van Palestijnen die al generaties in Gaza of de Westelijke Jordaanoever woonden, de 'lokalen', voeren dit soort operaties zelden uit. “Nu, met de autonomie”, zeggen de broers Aziz, “krijgen de lokalen hun land terug. En wij vluchtelingen? Wanneer mogen wij naar huis, naar Jaffa en Ashdod? Iedereen vergeet ons. Daarom vechten wij door.”

Zelfmoordenaars zijn geen gekken of gefrustreerde paupers, zoals velen denken. Ze komen uit hechte, stabiele middenklasse-gezinnen en zijn goed opgeleid. Ze schopten het allemaal verder dan hun vaders: ze studeren of hebben een redelijke baan. De man die gisteren de bus in Jeruzalem opblies, studeerde voor ingenieur aan de universiteit. Anwar Aziz had een kledingfabriekje. Zijn huis ziet er armoedig uit. Een gat in de muur dient als raam. Er liggen alleen harde, vieze kussens op de vloer, waar hij ook sliep. Anwar investeerde niet in comfort. Hij breidde liever zijn fabriek uit, of kocht een winkeltje voor een neef die net van school kwam. Dat kon, hij verdiende goed. Anwar kon het zich permitteren om dood te gaan - hij wist dat zijn familie niet krom hoefde te liggen om zijn gezin op te vangen.

Na zijn dood trouwde de jongste broer met zijn weduwe. “Ahmed”, zegt deze broer tegen een jongetje van vijf dat met een handvol knikkers binnen komt dribbelen, “waar is je vader?” “In de hemel. Hij eet bananen en appels.” Het jongetje lacht. De broers aaien hem over zijn bol.

Pagina 4: Hamas wil stabiele mensen die de zaak zijn toegewijd

Anwar was een beleefde, gedisciplineerde, vrome jongen. Hij was wat stil, maar altijd vrolijk en goed voor iedereen. Als de buurman een lekkend dak had of als er een kind naar de dokter moest was het altijd Anwar die ging helpen. Hij was een tevreden mens. Klaagde nooit. Hij was precies het soort dat militaire organisaties als Hamas of als de Islamitische Jihad graag inzetten voor een 'missie'. Die willen stabiele mensen, geen frusts met ego-problemen. Zo'n operatie is een koelbloedige, puur politieke daad. Je moet jezelf volkomen weg kunnen cijferen. Zelfmoordenaars in spe krijgen een lange, zware, geheime training. Om hun uithoudingsvermogen te testen worden ze bijvoorbeeld onder de grond gestopt. De eerste dag worden ze na een minuut weer opgegraven, de dag erna na anderhalve minuut. Enzovoort. Je moet van goeden huize komen, de 'zaak' totaal zijn toegewijd, om dat vol te houden. Verder moet je kunnen zwijgen. Als je wordt gearresteerd, mag je geen namen noemen. Pas na Anwars dood kwam de familie erachter dat hij het twee keer eerder had geprobeerd. Steeds als het mislukt was, ging hij door met zijn gewone leven en bereidde zich in stilte voor op de volgende klap. De broers wisten van niets.

Een moslim leeft voor het hiernamaals, het leven op aarde stelt niets voor. Als je deugdzaam leeft, kom je in de hemel. De meeste moslims zijn niet bang om dood te gaan. En als martelaar sterven, dat wil iedereen. Als martelaar, stelt de Koran, word je in de hemel met extra egards behandeld. Daar krijg je een kasteel en 72 maagden die alles met je doen wat je maar wilt. Sommige mensen beweren dat zelfmoordenaars seksueel geobsedeerd zijn, en dat ze alleen wegens die maagden martelaar willen worden.

Volgens de moeder van Salah Shaker, een goedige ronde vrouw, is dat onzin. Als je sterft, zegt ze, rot je lichaam weg, alleen je ziel gaat naar de hemel. “Dan voel je toch niets meer? Het is een puur spirituele ervaring.” In januari 1995 blies Salah, fysiotherapeut en vluchteling, zichzelf en ruim twintig Israelische soldaten op bij Beit Lid. De familie vond het geweldig. Vanuit het ruime, drukke familiehuis in Rafah, aan de Egyptische grens, onderhoudt moeder Shaker contact met andere moeders van martelaars. Vandaag gaat ze Hebron bellen, om de moeder van “de jongen van Jeruzalem” te feliciteren. “Natuurlijk ben je trots. Maar als moeder voel je toch even verdriet. Vooral omdat je het niet ziet aankomen. Plotseling is hij weg.”

Ze toont foto's van Salah: in de kliniek, zwemmend in zee. Een sympathiek, kalm gezicht. Hij was niet getrouwd, “dat doe ik in een volgend leven”, zei hij eens. Zijn mountain bike hangt aan een haak op de binnenplaats. Ook Salah was een modeljongen. Hij ontzegde zichzelf alles om het anderen naar de zin te maken. De vier baby's die het laatste jaar zijn geboren (Salah had zeven broers en zeven zusters) heten allemaal Salah. De vijfde Salah is op komst. Dat veel Palestijnen hun buik nu vol hebben van de bomaanslagen wegens de collectieve straf die ze daarna van Israel krijgen opgelegd, vindt de familie Shaker maar laf. “Toch”, vindt een broer van Salah, “maakt het mijn broer alleen maar meer tot een held. Hij offerde zichzelf op voor de strijd, zij denken alleen aan hun natje en droogje.”

Er staat een computer. Op tafel slingeren DOS-handleidingen en studieboeken. Alle broers en zussen hebben gestudeerd. Zij zijn dokter, ingenieur, onderwijzer. Sommigen werken in Libië, anderen in Amerika. Een broer zegt: “Een onderdrukt volk moet zich ontwikkelen. Dat deden de joden ook. Het is de enige manier om de strijd te winnen. En we zullen winnen.” Hij wijdt erover uit hoe de joden hen van hun land hebben gezet: “die racisten”, en waarom de Palestijnen niet zullen rusten tot ze hun boomgaarden allemaal terug hebben. De motivatie van de zelfmoordenaar is politiek, niet religieus. Alleen de gemoedsrust, de kracht die hij nodig heeft om de gordel met kruit om zijn middel tot ontploffing te brengen, die put hij uit de islam.

De families Aziz en Shaker zijn de schatbewaarders van het gewapende Palestijnse verzet. De verhalen die zij hun kroost vertellen, over wat de joden hun hebben aangedaan, vertelt elke Palestijn zijn kinderen. Het verschil is alleen dat zij zich willen blijven wreken, en dat de rest van het volk pragmatisch is geworden. “Maar het zal niet lang duren”, zegt een broer van Salah, “of zij beseffen dat wij al die tijd gelijk hadden. Dat geloof in die zogenaamde vrede is maar een fase.” Hij lacht in zijn baard.